De 13 meest gestelde vragen over pesten op het werk | Stop Pesten NU

084-0035994

De 13 meest gestelde vragen over pesten op het werk

De 13 meest gestelde vragen over pesten op het werk

Het lijkt te kinderachtig voor woorden. Maar net als op school worden ook in bedrijven en instellingen iedere dag werknemers gepest door collega’s of leidinggevenden. Vaak zwijgen de slachtoffers uit schaamte. Geven de pestkoppen het slachtoffer de schuld. En kijken leidinggevenden de andere kant op. Hoogste tijd om er iets aan te doen. Want de gevolgen van pestgedrag zijn niet kinderachtig: ziekteverzuim, arbeidsongeschiktheid en soms zelfs zelfmoord.


1. Wat is pesten op het werk?

Op z'n tijd een grapje, een beetje plagen onder collega's: dat verlevendigt de werksfeer. Daar gaat deze folder ook niet over. Vaak zeggen we: 'pesten, daar moet je tegen kunnen'. Pestgedrag is echter iets anders dan een grapje of een plagerijtje. Pesten heeft de bedoeling iemand echt te schaden. Om ten koste van iemand bepaalde voordeeltjes te krijgen. Iemand openlijk bespotten is geen grapje meer. En de meeste mensen voelen precies aan wanneer een grapje niet leuk meer is.

Hoe herken je pestgedrag? 
Het gaat om vijandig, vernederend of intimiderend gedrag, dat steeds gericht is op dezelfde persoon. Het gebeurt vaak en gedurende lange tijd. De persoon die het doelwit is, kan zich niet verweren. De ‘pester’, de collega die het vijandige, vernederende of intimiderende gedrag vertoont, heeft op een of andere manier meer macht dan het slachtoffer. Misschien is hij of zij lichamelijk sterker, beter 'gebekt', heeft hij of zij een hogere positie of krijgt meer steun van een groep. Pesten gebeurt meestal door een persoon, vaak een leidinggevende. Of door een klein groepje, waarbij duidelijk een iemand het voortouw neemt. Soms loopt het pesten zo uit de hand, dat iemand uiteindelijk wordt gepest door de hele organisatie.

 

Lees voor het antwoord op alle onderstaande vragen het volledige artikel op FNV


2. Welke vormen van pesten zijn er?


3. Waarom pesten mensen?

 


4. Waarom doen mensen mee?


5. Kan het iedereen overkomen?


6. In welke situaties komt het voor?


7. Wat zijn de gevolgen voor het slachtoffer?


8. Wat is het gevolg voor de organisatie?


9. Wat zegt de wet?


10. Wat kan de vakbond doen?

 


11. Wat kan de leidinggevende doen?

 



12. Wat doe ik als het mij overkomt?

 


13. Wat kan ik doen als ik het zie gebeuren?