Invloed van groepsnormen op pestgedrag | Stop Pesten NU

Invloed van groepsnormen op pestgedrag

De dynamiek van groepsnormen en individuele status hebben een cruciale en complexe invloed op zowel het ontstaan en voortbestaan van pestgedrag als op de effectieve aanpak ervan. Pesten is namelijk zelden een geïsoleerd incident tussen dader en slachtoffer, maar een groepsproces waarbij de hele klas of groep betrokken is.

Invloed van groepsnormen op pestgedrag

Groepsnormen zijn de ongeschreven regels die bepalen welk gedrag binnen een groep wel of niet wordt geaccepteerd.

  • Positieve of negatieve groepsnormen:
    Wanneer een groep stilzwijgend toestemming geeft aan pestgedrag, bijvoorbeeld door te lachen of aan te moedigen, ontstaat een klimaat waarin pesters hun gedrag kunnen voortzetten zonder consequenties. Omgekeerd, als de groep duidelijk maakt dat pestgedrag niet wordt getolereerd, kan het pesten snel stoppen. Dit vereist een fundamenteel andere aanpak van scholen dan de traditionele focus op alleen dader en slachtoffer.
     
  • Impliciete goedkeuring door buitenstaanders:
    Leerlingen die getuige zijn van pesten, maar passief blijven of niet ingrijpen (buitenstaanders), dragen impliciet bij aan het voortduren van het pesten.
     
  • Sociale identiteitstheorie:
    Kinderen willen graag bij de eigen groep horen en de groepsnormen handhaven om geaccepteerd te worden. Als pesten de norm is in een klas, kan dat zelfs leiden tot afwijzing van kinderen die niet meedoen of gepest worden.
     
  • Rol van omstanders:
    Omstanders kunnen pestgedrag significant beïnvloeden; onderzoek toont aan dat pesten vaak binnen 10 seconden stopt als zij ingrijpen. Hun reactie beïnvloedt de sociale norm: als iemand afkeurend reageert op een discriminerende uiting, wordt die uiting eerder als discriminerend gezien en is de actiebereidheid van anderen hoger.

Invloed van individuele status op pestgedrag

Individuele status binnen een groep, vaak gekoppeld aan populariteit, is een belangrijke drijfveer voor pestgedrag en beïnvloedt ook de rollen van anderen.

  • Twee soorten sociale waardering:
    Er wordt onderscheid gemaakt tussen 'geliefd' zijn (aardig gevonden en geaccepteerd) en 'populair' zijn (opvallend, sociaal dominant, 'cool'). Pesters zijn over het algemeen niet geliefd, maar vaak wel populair.
     
  • Status als doel voor pesters:
    Pesten kan een effectieve manier zijn voor leerlingen om in de klas te domineren en status te verwerven. Pesters kiezen vaak kwetsbare, geïsoleerde kinderen als slachtoffer om hun eigen status te verhogen zonder affectie van belangrijke klasgenoten te verliezen.
     
  • Populaire jongeren als normbepalers:
    Vooral de populaire leerlingen bepalen welk gedrag in de klas wordt geaccepteerd. Als populaire leerlingen pesten, is de acceptatie van pesters in de klas groter.
     
  • Risico's van pesten voor daders:
    Ondanks de status die pesten kan opleveren, lopen pesters op lange termijn een grotere kans op problemen, zoals crimineel gedrag.
     
  • Verdedigers en status:
    Verdedigers hebben vaak een hoge status en worden meer geaccepteerd, omdat zij opkomen voor slachtoffers. Verdedigen kan echter ook risicovol zijn, omdat daders hun agressie op de verdedigers kunnen richten. Slachtoffers met verdedigers hebben meer zelfvertrouwen en worden meer geaccepteerd.
     
  • Ontwikkeling van populariteit:
    Pesters en hun meelopers lijken in de adolescentie populairder te worden dan in de kindertijd, terwijl verdedigers minder beloond lijken te worden voor hun gedrag.

De rol van groepsdruk en omstanders bij het tegengaan van pesten

Groepsdruk kan pestgedrag zowel negatief als positief beïnvloeden.

  • Negatieve groepsdruk:
    Leerlingen kunnen meedoen met pesten, zelfs als ze het er niet mee eens zijn, uit angst om zelf gepest te worden of hun status te verliezen.
     
  • Positieve groepsdruk en 'change-makers':
    Groepsdruk kan ook gezond en positief zijn, bijvoorbeeld wanneer leeftijdsgenoten vriendelijk en inclusief gedrag aanmoedigen. Populaire jongeren kunnen ingezet worden als 'change-makers' om een pro-sociale boodschap uit te dragen, aangezien zij door hun centrale positie in het sociale netwerk van de school de norm kunnen bepalen. Dit werkt vooral wanneer sociaal dominante jongeren die enkel aardig gedrag vertonen als change-makers worden ingezet.
     
  • Activeren van omstanders:
    Het is essentieel om omstanders te trainen en te voorzien van tools om in te grijpen. Dit kan door bewustmakingssessies over groepsdynamiek, trainingen en rollenspellen om te oefenen met ingrijpen, en het opnemen van een duidelijk 'omstandersprotocol' in het pestbeleid. Leerlingen moeten leren dat hun stilzwijgen pestgedrag indirect ondersteunt.
     
  • Steun aan slachtoffers:
    Omstanders kunnen steun bieden aan slachtoffers door met hen weg te lopen, een bericht te sturen, of door het pestgedrag direct te doorbreken met een simpele opmerking. Het melden van pesten aan een volwassene is cruciaal als de situatie uit de hand loopt.
     
  • Bevorderen van positieve relaties:
    Het aanpakken van pesten kan ook door het ontwikkelen van positieve relaties (vriendschappen of samenwerking) tussen slachtoffers en potentiële verdedigers.

Aanpak en strategieën voor mentoren en scholen

Om pestgedrag effectief tegen te gaan, moeten scholen hun aanpak veranderen door zich te richten op de hele groep en de groepsdynamiek, en niet alleen op de pester en het slachtoffer.

  • Bewustzijn creëren en trainen:
    Mentoren en anti-pestcoördinatoren (APC's) moeten getraind worden in het herkennen van groepsdynamiek en het activeren van omstanders. Dit omvat inzicht in de verschillende rollen bij pesten (pester, slachtoffer, assistent, aanmoediger, verdediger, buitenstaander).
     
  • Open klasgesprekken:
    Organiseer open klasgesprekken over de rol van de groep bij pesten en de schadelijke effecten van passiviteit.
     
  • Positieve groepssfeer stimuleren:
    Creëer een veilige en inclusieve leeromgeving door positieve interacties, respect en samenwerking te bevorderen. Dit kan door middel van teambuildingactiviteiten en projecten die vertrouwen en samenwerking stimuleren.
     
  • Pestprotocollen aanpassen:
    Schoolprotocollen moeten de focus verleggen naar de hele groep, in plaats van alleen de dader en het slachtoffer.
     
  • Vroegtijdige preventie:
    Start al in de eerste jaren van de basisschool met de preventie van slachtofferschap en leer kinderen om te gaan met social media op een positieve manier.
     
  • Consequentie van regels:
    Stel duidelijke klassenregels en grenzen op en pas sancties consequent toe, dit draagt bij aan een gevoel van veiligheid en zekerheid. Inconsistentie creëert een onveilig klimaat.
     
  • Direct ingrijpen en ondersteunen:
    Mentoren moeten toezicht houden in vrije situaties (pauzes, gang) en gesprekken voeren met alle betrokken leerlingen. Het corrigeren van de pester zendt een sterker signaal uit dan enkel troosten van het slachtoffer, en maakt leerlingen meer geneigd toekomstige problemen te melden.