Waarom ‘niets zeggen’ niet neutraal is, en hoe je leerlingen wél leert om op te komen voor elkaar
Wist je dat…
…leerlingen in het voortgezet onderwijs en mbo vaak wél zien dat er gepest wordt, maar niets zeggen – omdat ze niet als ‘snitch’ bestempeld willen worden?
En wist je dat leerkrachten die goedbedoeld zeggen: “Ik wil niet dat er geklikt wordt”, daarmee onbedoeld bijdragen aan een sfeer waarin slachtoffers zich nóg meer geïsoleerd voelen?
► Lees meer tips van leerlingen Goedbedoeld, verkeerd
Volgens onderzoeker dr. Beau Oldenburg (Rijksuniversiteit Groningen) is melden van pesten géén vorm van klikken, maar een cruciale stap in het doorbreken van groepsdynamieken die pesten in stand houden.
Bron: Oldenburg, B. (2020). Pesten als groepsproces. Rijksuniversiteit Groningen.
Het misverstand
Veel leraren denken:
- “Als ik meldingen stimuleer, dan ontstaat er een klikcultuur.”
- “Ik wil dat leerlingen leren het zelf op te lossen.”
- “Ze moeten mij vertrouwen, maar niet alles hoeven vertellen.”
Maar:
- leerlingen weten vaak niet wanneer iets ‘klikken’ is en wanneer het ‘opkomen voor iemand’ is;
- leerlingen voelen aan dat niets zeggen = veilig;
- slachtoffers weten: “ik sta er alleen voor, en zelfs als anderen het zien, zeggen ze niets.”
Gevolg:
de groep leert zwijgen, pesten wordt indirect geaccepteerd, en leraren missen signalen.
Wat het onderzoek laat zien
“Pesten is een groepsproces. De sociale norm in de klas bepaalt of pesten doorgaat of stopt.”
– Gijs Huitsing, RUG
In klassen waar ‘melden’ wordt gezien als laf of verraderlijk, blijven pestrollen intact
- toeschouwers kijken weg,
- meelopers lachen mee,
- de pester houdt zijn status,
- de gepeste raakt geïsoleerd.
Leerlingen moeten dus:
- leren onderscheiden: wat is klikken, wat is zorgen voor elkaar?
- positieve sociale druk ervaren om op te komen voor anderen,
- weten: iets zeggen is een daad van moed, geen verraad.
Wat je als leraar vaak goedbedoeld doet (maar wat niet werkt)
- “Ik wil niet dat jullie elkaar verklikken.”
- “Los dat soort dingen eerst maar zelf op.”
- “Wat op het plein gebeurt, hoef ik niet altijd te weten.”
- “Ik wil alleen horen als het écht ernstig is.”
Maar leerlingen horen
- “Je staat er alleen voor.”
- “Zeggen = zwak.”
- “Het is niet belangrijk genoeg.”
- “Zwijgen is veiliger.”
Wat wél werkt: concreet en met de hele klas
- De sleutel ligt in verantwoordelijkheid leggen bij de groep — niet alleen bij het slachtoffer. En in het normaliseren van melden.
- Zo leg je het verschil uit in de klas (voorbeeldtekst)
- “Klikken is iemand in de problemen brengen voor iets kleins, om jezelf beter te voelen.
- Maar iets zeggen als iemand wordt gepest of buitengesloten?
- Dat is geen klikken.
- Dat is moedig zijn.
- Dat is zorgen dat we samen veilig blijven.”
Voorbeelden en werkvormen per onderwijsniveau
Primair Onderwijs
Werkvorm: Klikken of helpen?
Situaties:
- Je ziet iemand expres iemands brood op de grond gooien.
- Je vertelt de juf dat iemand vals speelde met galgje.
- Iemand wordt elke dag buitengesloten bij voetbal.
Klassikaal:
- Wat is klikken?
- Wat is helpen?
- Wanneer zou jij iets zeggen?
- Wat zou je willen dat een ander voor jou doet?
Sluit af met klasafspraak:
“Als iemand wordt buitengesloten of gepest, zeggen we dat tegen de juf of meester. Want niemand hoort alleen te staan.”
Voortgezet Onderwijs
Rollenspel: Snitch of support?
Scènes:
- Een leerling wordt online zwartgemaakt in een groepsapp.
- Iemand wordt expres genegeerd bij een opdracht.
- Een leerling krijgt elke dag nare opmerkingen over uiterlijk.
Leerlingen spelen de scène + reacties van anderen:
- iemand meldt het bij de mentor,
- iemand zegt er iets van tegen de pester,
- iemand lacht mee,
- iemand doet niks.
Nabespreking:
- Wat gebeurt er als niemand iets zegt?
- Wat maakt het moeilijk om iets te doen?
- Wat helpt om het wél te durven?
Voorstel voor afspraak:
“Als je iets ziet dat niet klopt, meld je het. Dat is geen klikken, dat is zorgen voor elkaar.”
MBO
Groepsbespreking:
Wat is professioneel gedrag bij grensoverschrijdend gedrag?
- In de klas,
- op stage,
- in de WhatsAppgroep.
Vragen:
- Wanneer moet je wél iets melden?
- Hoe kun je iets zeggen zonder je collega of klasgenoot af te vallen?
- Wat is je verantwoordelijkheid als groepslid en beroepsbeoefenaar?
Afsprakenvoorstel:
- “We zeggen het als iemand buitenspel wordt gezet, op school of stage. Dat hoort bij professioneel gedrag.”
- “Als je niet durft, meld je het aan de mentor of praktijkbegeleider.”
Verwerk het in je schoolcultuur
- Herhaal het thema “melden is verantwoordelijkheid” in mentorlessen, SLB, burgerschap.
- Gebruik visuele reminders (bijv. posters of kaartjes met quotes als “Zwijgen = meedoen”).
- Train collega’s in hun taalgebruik: niet afwijzen als leerlingen iets melden.
- Spreek als team af: Wij nemen elke melding serieus — en we koppelen altijd terug.
- Vraag leerlingen bij het opstellen van schoolafspraken:
“Wat heb jij nodig om je veilig genoeg te voelen om iets te zeggen als je ziet dat het niet oké is?”
Tot slot
Een veilige groep ontstaat niet door regels — maar door normen die gedragen worden.
En die normen beginnen bij:
- een docent die laat merken dat melden goed is,
- een klas waarin opkomen voor elkaar normaal is,
- een school waar zwijgen niet als veilig, maar als problematisch wordt gezien.

