Een student zit altijd alleen tijdens de pauze. In de groepsapp worden grappen gemaakt waar steeds dezelfde persoon het doelwit van is. Tijdens de stage wordt iemand nooit gevraagd om mee te lunchen. Niemand pest openlijk, maar bijna niemand doet iets.
Veel studenten denken dat pesten alleen gaat over degene die pest en degene die wordt gepest. Uit onderzoek blijkt juist dat de reacties van de groep vaak bepalen of pesten doorgaat of stopt.
Pesten is een groepsproces
Doelgroep
MBO niveau 1 t/m 4
Lesduur
45-50 minuten
Wanneer inzetten?
Deze les is geschikt tijdens de introductieweken, de Gouden Weken, de Week tegen Pesten, mentorlessen, SLB en Burgerschap. Ook inzetbaar wanneer er signalen zijn van pesten, buitensluiten of online pesten.
Leerdoelen
Na deze les kunnen studenten:
- uitleggen waarom pesten een groepsproces is;
- voorbeelden geven van groepsdruk;
- benoemen wat omstanders kunnen doen;
- aangeven hoe zij zelf kunnen bijdragen aan een veilige groep.
Benodigdheden
- Whiteboard of digibord
- Werkblad
- Pen
Lesverloop
Introductie (5 minuten)
Sprekerstekst docent
“Vandaag gaan we niet kijken wie goed of fout is. We onderzoeken hoe groepen werken. Vaak denken we dat pesten alleen iets is tussen twee personen. Maar klopt dat eigenlijk wel?”
Vraag aan de klas:
“Wie denkt dat je kunt pesten zonder publiek?”
Laat studenten kort reageren.
Vertel vervolgens:
“De groep heeft vaak veel meer invloed dan we denken.”
Opdracht 1 – Vier hoeken (10 minuten)
Lees onderstaande stellingen voor.
Studenten kiezen een hoek van het lokaal:
Helemaal eens
Eens
Oneens
Helemaal oneens
Stellingen
- Als niemand meelacht stopt pesten sneller.
- Online pesten is minder erg dan pesten in het echt.
- Wegkijken is ook een keuze.
- Eén student kan verschil maken.
- De groepsapp hoort ook bij de klas.
Bespreek steeds kort waarom studenten ergens staan.
Opdracht 2 – Casus (15 minuten)
Lees de casus voor.
Casus
Mike zit sinds drie maanden in de klas.
Tijdens de pauzes zit hij meestal alleen.
In de groepsapp worden regelmatig memes over hem gedeeld.
Niemand stuurt iets gemeens rechtstreeks naar Mike.
Wel reageren veel studenten met lach-emoji’s.
Tijdens stage vraagt niemand hem om mee te lunchen.
Iedereen zegt:
“Wij pesten hem niet.”
Bespreekvragen
- Is hier sprake van pesten?
- Welke invloed heeft de groep?
- Welke kleine acties hadden studenten kunnen nemen?
- Welke gevolgen kan dit hebben voor Mike?
Werkblad
De groep bepaalt
Naam: _______________________
Vraag 1
Welke signalen van buitensluiten zie je in de casus?
…………………………………………………………..
…………………………………………………………..
Vraag 2
Welke rol speelt de groep?
□ Niemand
□ Een beetje
□ Veel
Leg uit.
…………………………………………………………..
Vraag 3
Noem drie dingen die jij als klasgenoot zou kunnen doen.
- 1.
……………………………………………
- 2.
……………………………………………
- 3.
……………………………………………
Vraag 4
Waarom denken mensen soms dat ze niets hoeven te doen?
…………………………………………………………..
…………………………………………………………..
Vraag 5
Welke kleine actie ga jij deze week uitvoeren om jouw klas of stagegroep veiliger te maken?
…………………………………………………………..
…………………………………………………………..
Antwoorden (docent)
Vraag 1
Mogelijke antwoorden
- Alleen zitten.
- Niet meevragen.
- Uitgesloten worden.
- Memes delen.
- Lachen in de groepsapp.
- Niet ingrijpen.
Vraag 2
De groep speelt een grote rol.
Door te lachen, niets te zeggen of weg te kijken blijft het gedrag bestaan.
Vraag 3
Voorbeelden
- Naast iemand gaan zitten.
- Iemand uitnodigen.
- Stop zeggen.
- Niet meelachen.
- Onderwerp veranderen.
- Melden bij docent of SLB’er.
Vraag 4
Voorbeelden
- Angst om zelf buiten de groep te vallen.
- Denken dat iemand anders wel helpt.
- Niet weten wat ze moeten doen.
- Denken dat het maar een grapje is.
Vraag 5
Alle haalbare positieve acties zijn goed.
Docentenhandleiding
Doel van deze les
Studenten laten ontdekken dat pesten niet alleen draait om een pester en een slachtoffer, maar om de invloed van de hele groep.
Voorkom dat studenten namen noemen van klasgenoten. Bespreek gedrag, niet personen.
Stimuleer studenten om verschillende meningen uit te spreken. Er zijn geen foute antwoorden zolang deze respectvol worden gegeven.
Wanneer studenten eigen ervaringen delen, bedank hen voor hun openheid maar vraag niet door op persoonlijke details. Verwijs bij ernstige signalen naar de interne afspraken van de opleiding.
Afsluiting (5 minuten)
Vraag iedere student één zin op te schrijven:
“Deze week ga ik…”
Bijvoorbeeld:
- “…iemand uitnodigen om naast mij te zitten.”
- “…niet meer meelachen.”
- “…iemand aanspreken als ik zie dat iemand wordt buitengesloten.”
- “…een nieuwe student helpen.”
Laat enkele studenten hun antwoord vrijwillig delen.
Kernboodschap
Een veilige groep ontstaat niet doordat één persoon alles oplost. Een veilige groep ontstaat wanneer steeds meer mensen kleine positieve keuzes maken. Juist die kleine keuzes kunnen ervoor zorgen dat pesten stopt voordat het groter wordt.

