Onderzoekers pleiten voor meldpunt voor cyberpesten | Stop Pesten NU

084-0035994

Onderzoekers pleiten voor meldpunt voor cyberpesten

Slachtoffers van cyberpesten weten veelal niet waar ze terecht kunnen om hier iets aan te doen. Ze ervaren het als lastig om onrechtmatige content snel verwijderd te krijgen van het web. Een centraal kenniscentrum of onafhankelijk meldpunt kan hen daarbij helpen.

Daarvoor pleiten onderzoekers van het Instituut voor Informatierecht van de Universiteit van Amsterdam. In opdracht van het ministerie voor Rechtsbescherming en het Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum (WODC) bracht het Instituut in kaart hoe de positie van slachtoffers van cyberpesten verbeterd kan worden.

Wat is cyberpesten? Dit moet je weten

Cyberpesten is in beginsel hetzelfde als ‘gewoon’ pesten. Grote verschil is dat het in de digitale wereld plaatsvindt in plaats van de fysieke wereld. Dat maakt het niet minder erg. Integendeel: in de echte wereld kun je een pestkop aanspreken op zijn gedrag, pesten via internet is een stuk anoniemer dan in het echte leven.

Cyberpesten is een breed begrip. Digitale scheldpartijen en beledigingen via bijvoorbeeld Facebook of WhatsApp is een vorm van internetpesten, maar beperkt zich niet daartoe. Jezelf voordoen als een ander (identiteitsfraude), berichten plaatsen met een nepaccount, uiten van bedreigingen en wraakporno vallen onder de noemer cyberpesten.

Bij cyberpesten draait het om het publiceren van onrechtmatige content. Alles wat op internet geplaatst wordt wat mogelijk schadelijke gevolgen heeft voor een ander (bijvoorbeeld omdat het zijn privacy schendt, hij daarmee niet heeft ingestemd of gevoel van veiligheid wegneemt), kan als onrechtmatige content worden beschouwd.

Slachtoffers cyberpesten lopen tegen blokkades op

Uit een survey blijkt dat 15 procent van de Nederlanders direct of indirect wel eens te maken heeft gehad met cyberpesten of internetpesten. Wie daar actie tegen wil ondernemen, moet meerdere hindernissen zien te overkomen, zo schrijft het Instituut voor Informatierecht van de Universiteit van Amsterdam.

Zowel de civielrechtelijke route (via de rechter) als bestuursrechtelijke route (via de Autoriteit Persoonsgegevens) zien de onderzoekers als een struikelblok om effectief op te treden tegen onrechtmatige content, omdat het maanden duurt voordat er een uitspraak ligt. In de tussentijd gaat de schending door en wordt het probleem vaak alleen maar erger en groter. Omdat dergelijke procedures complex en kostbaar zijn, overweegt slechts 1,4 procent om juridische stappen te ondernemen tegen internetpesten.

Een notice and takedown-procedure bij internetdiensten of socialemediabedrijven kan een hulpmiddel zijn om een einde te maken aan cyberpesten. Punt is dat organisaties zelf een beslissing nemen over jouw klacht. Als dit besluit niet leidt tot het gewenste resultaat, moet je je alsnog tot de rechter wenden. Aangifte doen bij de politie is eveneens een pad dat slachtoffers kunnen bewandelen, al is de uitkomst daarvan vaak onzeker.

De onderstaande afbeelding toont de effectiviteit van verschillende procedurele routes om iets te doen tegen cyberpesters.

Onderzoekers pleiten voor meldpunt voor cyberpesten

* Als bovenstaande afbeelding niet goed zichtbaar is dan is deze in de samenvatting terug te vinden.

 

Geen alomvattende oplossing cyberpesten door heterogeniteit

Cyberpesten wordt als een breed maatschappelijk probleem gezien. Daarom en vanwege de impact dat cyberpesten heeft op het leven van slachtoffers -denk bijvoorbeeld aan Fred van Leer die een zelfmoordpoging heeft gedaan nadat een seksvideo van hem was opgedoken op internet- heeft het ministerie voor Rechtsbescherming er een speerpunt van gemaakt.

Daadwerkelijk iets doen tegen cyberpesten is volgens onderzoeker Naomi Appelman makkelijker gezegd dan gedaan. Volgens haar zorgt de heterogeniteit van het probleem dat het lastig is om de vinger op de zere plek te leggen. “Het maakt uit of je gedupeerd bent door een datalek bij je kapper of dat je te maken hebt met wraakporno. En bij beledigingen of haatberichten kan zelfs een getrainde jurist niet meteen zeggen of het wel dan niet onder de vrijheid van meningsuiting valt”, zo vertelt ze tegenover dagblad Trouw.

Onderzoekers pleiten voor oprichten meldpunt

De onderzoekers van het Instituut voor Informatierecht denken dat er veel winst valt te behalen als de politiek een centraal kenniscentrum of onafhankelijk meldpunt inricht. Slachtoffers van cyberpesten kunnen hier aankloppen om te kijken welke route zij het beste kunnen uitstippelen om onrechtmatige content te laten verwijderen.

Daarnaast adviseren de onderzoekers dat de politiek een actieve rol speelt door normen te stellen voor klachtenprocedures van internetdiensten. “Mensen zijn nu afhankelijk van de bereidwilligheid van de platforms. Maar de overheid zou daar zelf regels voor moeten opstellen. Op Europees niveau wordt daaraan gewerkt. Nederland zou zich daarbij moeten aansluiten”, aldus Appelman.

Bron VPN Gids

 

Voorziening voor verzoeken tot snelle verwijdering van onrechtmatige online content

Samenvatting

Dit onderzoek is uitgegeven als onderdeel van het speerpunt van de Minister voor Rechtsbescherming om de positie van slachtoffers van onrechtmatige uitingen op het internet te verbeteren. Aanleiding is dat het voor mensen als te moeilijk ervaren wordt om onrechtmatige online content snel verwijderd te krijgen.1 Dit rapport biedt inzicht in de juridische en praktische haalbaarheid van een voorziening voor de verwijdering van onrechtmatige online content die mensen persoonlijk raakt. Onrechtmatige content is informatie, door mensen op het internet geplaatst, die in strijd is met het recht, vanwege de schadelijke gevolgen ervan en/of omdat de belangen van anderen daardoor op ernstige wijze worden aangetast. Hierbij moet, bijvoorbeeld, gedacht worden aan bedreigingen, privacy-inbreuken of wraakporno. Het doel van de onderzochte voorziening is om mensen in staat te stellen deze onrechtmatige online content zo snel mogelijk te verwijderen. Het onderzoek focust op onrechtmatige online content die mensen in hun persoon raakt en daarmee onder het recht op privéleven uit artikel 8 Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (“EVRM”) valt.

Inhoudsopgave

Samenvatting

  1. Introductie
  2. De problematiek van onrechtmatige online content
  3. Grondrechtelijk kader en internationale context
  4. Bestaande juridisch kader voor verwijdering en knelpunten
  5. Knelpuntenanalyse en oplossingsrichting
  6. Conclusie

Literatuurlijst 
Annex

Publicatiegegevens

Auteur(s): Hoboken, J. van, Appelman, N., Duin, A. van, Blom, T., Zarouali, B., O Fathaigh, R., Seel , M., Stringhi, E., Helberger, N.

Organisatie(s): Universiteit van Amsterdam - Instituut voor Informatierecht (IVIR), WODC

Plaats uitgave: Amsterdam

Uitgever: Universiteit van Amsterdam - Instituut voor Informatierecht (IVIR)

Jaar van uitgave: 2020

Type rapport: Eindrapport

Bestelinformatie

Adres: UvA Instituut voor Informatierecht (IVIR)

Telefoon: 020 5253406

Fax: 020 5253033

E-mailadres: ivir@ivir.nl

Website: www.ivir.nl

 

Tip van de redactie

Tip van onze redactie met interessante informatie over pesten en online pesten (cyberpesten):