Lesdoel en kernboodschap
Leerlingen ontdekken dat pesten bijna nooit door maar één kind komt. Het is iets van de hele groep: hoe de rest reageert — meelachen, wegkijken, niks zeggen — bepaalt of het pesten doorgaat of stopt. Iedereen heeft invloed, ook wie zelf niks "doet".
► Sprekerstekst: zie 3.1.
Werkvorm: Mysterie / puzzelopdracht
- Doelgroep: Basisonderwijs, groep 6-8 (9-12 jaar)
- Duur: 25 minuten (20 min: doe 2 rondes met kaarten i.p.v. 3; 35 min: voeg de verdiepingsvraag in 6 toe)
- Groepsgrootte: hele klas, verdeeld in groepjes van 4
- Setting van de casus: klas / groepswerk
- ► Download het lesmaterial en de werkmaterialen.
Wetenschappelijke onderbouwing
- Onderzoek van Cappadocia, Pepler, Cummings en Craig (PREVNet / Queen's University & York University, Canada) laat zien dat de meeste kinderen die pesten zien, wel iets doen. Wie dat niet doet, denkt vaak "het gaat mij niet aan" — niet omdat ze het pesten goedkeuren. Bron: Cappadocia, M.C., Pepler, D., Cummings, J.G., & Craig, W. (2012). Individual Motivations and Characteristics Associated With Bystander Intervention During Bullying Episodes Among Children and Youth. Canadian Journal of School Psychology. https://journals.sagepub.com/doi/abs/10.1177/0829573512450567
- De Anti-Bullying Alliance (VK) legt uit dat pesten iets van de hele groep is: wie pest, zoekt aandacht en een hoge plek in de groep. Daar zijn andere kinderen bij nodig die kijken, lachen of zwijgen. Hun reactie bepaalt of het pesten doorgaat. Bron: Anti-Bullying Alliance, Focus on: Bullying. https://anti-bullyingalliance.org.uk/tools-information/all-about-bullyin...
- Pepler en Craig (PREVNet, Canada) laten zien dat pesten vooral iets van de groep is, niet alleen van één "dader" of "slachtoffer" — de klas beïnvloedt heel sterk of het pesten blijft bestaan. Bron: Pepler, D. & Craig, W. Understanding and Addressing Bullying: An International Perspective. PREVNet Series. https://www.researchgate.net/publication/286270754_Understanding_and_add...
Draaiboek
Tijd | Onderdeel |
0:00-0:05 | Opening: kernboodschap + introductie mysterie |
0:05-0:08 | Uitleg werkvorm en groepsindeling |
0:08-0:18 | Groepjes leggen het mysterie in elkaar (kaarten + vragen) |
0:18-0:23 | Klassikaal gesprek + koppeling aan rollen in de groep |
0:23-0:25 | Afsluiting: afspraak + evaluatievraag |
3.1 Sprekerstekst opening (letterlijk uit te spreken)
"Vandaag lossen jullie een mysterie op. Geen moord, maar iets dat veel vaker gebeurt: een groepje waarin iets misgaat, en niemand die precies kan zeggen wíé daar nou de schuld van heeft. Dat is meteen de kern van vandaag: pesten komt bijna nooit door maar één kind. Het is iets van de hele groep — van wie meedoet, van wie lacht, van wie wegkijkt, en van wie niks zegt terwijl die het wél ziet. Aan het eind van deze les weet je niet alleen wát er gebeurde in dit groepje, maar ook: welke rol had jij gehad? En wat had jij kunnen doen?"
3.2 Instructie werkvorm (sprekerstekst)
"Jullie werken in groepjes van vier. Elk groepje krijgt acht kaarten. Op elke kaart staat een klein stukje: een moment, een appje, een blik, een opmerking. Los van elkaar lijken het kleine dingetjes. Samen vertellen ze het hele verhaal van wat er gebeurde in het groepje van Liv. Leg de kaarten in de juiste volgorde en beantwoord daarna de drie vragen op het werkblad. Je hebt hier tien minuten voor."
Benodigdheden: per groepje 1 set van 8 kaarten (uitgeprint, zie 4), 1 werkblad met de 3 vragen (zie 5), pen.
4. De aanwijzingkaarten (casus)
Achtergrondverhaal voor de docent — dit verhaal wordt niet zo uitgedeeld, maar geknipt in de 8 kaarten hieronder.
Liv zit in groep 7. Voor een werkstuk over dieren werkt de klas in vaste groepjes van vier. Liv zit samen met Daan, Puck en Mees. Al bij de eerste keer valt op dat Daan zucht en zijn ogen dichtdoet als Liv iets voorstelt, waarna hij tegen Mees fluistert en ze allebei moeten lachen. Puck zegt niks, maar schuift tijdens het overleg haar stoel iets bij Liv vandaan en pakt haar tablet erbij. Als de juf even weg is om spullen te halen, stelt Liv voor om over dolfijnen te doen; Daan zegt "tuurlijk, weer zo'n Liv-ideetje", op een toon waar de rest van moet lachen. In de klassenapp die ze gebruiken om te overleggen, blijkt achteraf een tweede appgroep te bestaan zonder Liv, waarin al is besproken wie wat doet. Als ze hun werk aan de klas laten zien, zegt Mees per ongeluk "dit hadden we gisteren al besproken", waarop Liv verbaasd opkijkt — zij was daar niet bij. Twee klasgenoten die niet in het groepje zitten, Fenna en Bram, zien dit gebeuren: Fenna rolt zichtbaar met haar ogen als Daan weer zoiets zegt, maar zegt er niks over; Bram lacht juist mee, ook al voelt hij zich er zelf niet fijn bij. Als de juf na de les vraagt hoe de samenwerking gaat, zegt niemand van de vier iets concreets: Daan zegt "gaat wel", Puck knikt en kijkt weg, Mees haalt zijn schouders op. Pas als de juf Liv apart spreekt, vertelt ze voorzichtig dat ze het gevoel heeft "er een beetje buiten te vallen", zonder voorbeelden te durven noemen — ze is bang dat het overdreven klinkt.
- Kaart 1 — Eerste keer werken aan het werkstuk. Liv stelt een idee voor. Daan doet zijn ogen dicht en zucht hoorbaar. Hij fluistert iets naar Mees. Ze moeten er allebei om lachen.
- Kaart 2 — Zelfde moment. Puck zegt niks tijdens het overleg, maar schuift haar stoel een stukje bij Liv vandaan en pakt haar tablet erbij.
- Kaart 3 — Donderdagavond, klassenapp "Werkstuk dieren". Liv appt: "Hebben jullie al bedacht wie wat doet?" Er komt drie uur lang geen reactie. Later blijkt er een tweede appgroep te bestaan: "Werkstuk zonder L", gemaakt door Daan.
- Kaart 4 — De volgende keer. Liv stelt voor om over dolfijnen te doen. Daan zegt: "Tuurlijk, weer zo'n Liv-ideetje." De groep lacht. Liv lacht een beetje ongemakkelijk mee.
- Kaart 5 — Het werk laten zien aan de klas. Mees zegt per ongeluk: "Dit hadden we gisteren al besproken." Liv kijkt verbaasd op — zij was daar niet bij.
- Kaart 6 — Tijdens diezelfde presentatie. Twee klasgenoten die niet in het groepje zitten, Fenna en Bram, zitten te kijken. Fenna rolt zichtbaar met haar ogen als Daan weer zoiets zegt. Ze zegt er niks over. Bram lacht mee met de groep, al voelt hij zich zelf niet fijn.
- Kaart 7 — Na de les. De juf vraagt het groepje hoe de samenwerking gaat. Daan: "Gaat wel." Puck knikt en kijkt weg. Mees haalt zijn schouders op. Niemand zegt iets concreets.
- Kaart 8 — Even later, apart gesprek. De juf praat alleen met Liv. Ze zegt voorzichtig: "Ik heb het gevoel dat ik er niet echt bij hoor in dat groepje." Ze durft geen voorbeelden te noemen — ze is bang dat het overdreven klinkt.
5. Werkblad — vragen (met antwoordmodel voor de docent)
Vraag 1: Leg de kaarten in de juiste volgorde. Welk patroon zie je?
Antwoordmodel: Op volgorde: 1 → 2 → 3 → 4 → 5 → 6 → 7 → 8. Het patroon: de signalen worden steeds duidelijker. Eerst zie je het alleen aan lichaamstaal (zuchten, wegschuiven), dan hoor je het (een nare opmerking), en dan wordt het een systeem (een aparte appgroep, buitengesloten worden bij beslissingen). Ondertussen zegt niemand iets, ook niet als de juf ernaar vraagt.
Vraag 2: Welke kinderen hebben een rol in dit verhaal, en welke rol is dat? Noem er minstens vier.
Antwoordmodel (koppel aan rollen in de groep):
- Daan: begint het buitensluiten (nare opmerking, aparte appgroep).
- Mees: doet mee en maakt het erger (lachen, meedoen aan de aparte appgroep).
- Puck: sluit Liv op een stille manier buiten, zonder iets te zeggen.
- Bram: lacht mee terwijl hij zich er niet fijn bij voelt — hij maakt het gedrag van Daan zonder het te willen erger.
- Fenna: ziet het, vindt het niet leuk (oogrollen), maar zegt niks — ze zit dicht bij "opkomen voor iemand", maar durft de stap niet te zetten.
- Liv: merkt het buitensluiten en maakt het zelf kleiner dan het is ("ik ben bang dat het overdreven klinkt").
Vraag 3: Stel je bent Fenna op kaart 6 — wat had je op dat moment kunnen zeggen of doen? Bedenk minstens twee dingen.
Antwoordmodel: (a) Na de les even tegen Liv zeggen: "Ik zag dat Daan weer zoiets zei, gaat het wel?" — dan voelt Liv dat ze niet alleen staat. (b) Tijdens de presentatie niet meelachen. (c) Het achteraf vertellen aan de juf. Veelgemaakte denkfout: leerlingen denken vaak dat "iets zeggen" altijd een grote ruzie moet worden. Leg uit dat een klein, stil gebaar (een appje, een blik, een vraag na de les) ook echt helpt.
6. Klassikale bespreking (sprekerstekst + voorbeeldvragen)
"Jullie hebben nu een groepje ontleed. Dit gebeurt niet alleen bij Liv. Wie herkent een van deze dingen — niet per se uit deze klas, maar in het algemeen?"
Voorbeeldvragen:
- "Welke kaart vond je het lastigst om te herkennen als 'onderdeel van het probleem'?" (Verwacht: kaart 2 en 6 — wegschuiven en oogrollen worden niet snel als pesten gezien.)
- "Waarom denken mensen soms dat het 'hun zaak niet is'?"
- "Wat verandert er in een groep als er één iemand is die wél iets zegt?"
Verdiepingsvraag (bij 35 minuten):
"Wat zou jij doen als je nieuw was in de klas en dit zag gebeuren bij een ander groepje?"
7. Signalering — subtiele signalen uit deze les
Signaal | Wat is zichtbaar | Waarom belangrijk | Interventiezin voor de docent |
Zuchten en oogrollen bij inbreng van één kind | Lichaamstaal die afkeuring laat zien, wordt vaak gezien als "gewone reactie" | Steeds hetzelfde lichaamstaal-gebaar maakt afwijzing normaal, zonder dat er iets "gezegd" wordt | "Ik zie dat er gezucht wordt als [naam] iets voorstelt. Wat betekent dat?" |
Nare opmerking vermomd als grapje ("weer zo'n [naam]-ideetje") | Iemand voor de groep belachelijk maken, verpakt als humor; de groep lacht mee | Het kind kan het lastig benoemen zonder als "geen humor hebben" over te komen | "Dat klinkt als een grapje, maar ik hoorde ook iets vervelends. Leg 's uit wat je bedoelde." |
Digitale uitsluiting (aparte appgroep zonder één kind) | Beslissingen worden buiten het zicht genomen, zonder dat kind | Moeilijk te zien, maar heeft grote impact | "Ik hoor dat er een appgroep is zonder [naam]. Waarom is die er?" |
Ontwijkende antwoorden op een directe vraag | De groep geeft vage antwoorden ("gaat wel") als de juf er expliciet naar vraagt | Signaal dat de groep het probleem kent, maar er niet over praat | "Ik merk dat niemand iets concreets zegt. Dat is op zich ook een antwoord." |
Zelf het probleem kleiner maken | Kind maakt de eigen ervaring kleiner ("ik ben bang dat het overdreven klinkt") | Vaak reden dat signalen niet doorkomen bij de juf/meester | "Je hoeft het niet erger te maken om het serieus te nemen. Vertel gewoon wat je opviel." |
8. Observatiepunten voor de docent
- Let tijdens de opdracht op welke leerlingen de kaarten met lichaamstaal-signalen (2 en 6) als "minder belangrijk" opzij leggen.
- Let op of leerlingen zichtbaar reageren op kaart 4 (de nare opmerking) — mogelijk herkennen ze iets uit hun eigen situatie.
- Noteer welke leerlingen bij vraag 3 alleen "grote" dingen noemen (ruzie maken) en geen kleine — goed aanknopingspunt voor een gesprekje later.
9. Evaluatievragen (afsluiting, met antwoordmodel)
- Vraag: "Noem één ding dat je vandaag hebt geleerd over de rol van een groep bij pesten."
Antwoordmodel: Pesten gaat door of stopt, afhankelijk van hoe de rest van de groep reageert (meelachen/zwijgen houdt het in stand; iets zeggen of niet meelachen stopt het), niet alleen van wie er "pest".
- Vraag: "Wat is één klein ding dat jij deze week zou kunnen doen als je iets ziet zoals bij Liv?"
Antwoordmodel: Beoordeel op concreetheid (bijv. "ik zou na de les vragen of het gaat" is goed; "ik zou wat zeggen" is te vaag — vraag door).
10. Checklist voorbereiding docent
☐ 8 kaarten per groepje geprint en geknipt
☐ Werkblad met de 3 vragen per groepje geprint
☐ Klas verdeeld in groepjes van 4 vóór de les
☐ Tijdklok zichtbaar
☐ Sprekerstekst 3.1 en 3.2 doorgelezen
☐ Signaleringstabel (sectie 7) bij de hand tijdens het klassengesprek
☐ Vooraf nagedacht: is er een leerling voor wie deze casus dicht bij de eigen situatie ligt? Plan zo nodig een kort individueel moment na de les.
Bronnenlijst
- Cappadocia, M.C., Pepler, D., Cummings, J.G., & Craig, W. (2012). Individual Motivations and Characteristics Associated With Bystander Intervention During Bullying Episodes Among Children and Youth. Canadian Journal of School Psychology, 27(3). https://journals.sagepub.com/doi/abs/10.1177/0829573512450567
- Anti-Bullying Alliance (VK). Focus on: Bullying. https://anti-bullyingalliance.org.uk/tools-information/all-about-bullyin...
- Pepler, D. & Craig, W. Understanding and Addressing Bullying: An International Perspective. PREVNet Series, Volume 1. https://www.researchgate.net/publication/286270754_Understanding_and_add...

