Lesidee VO onderbouw De leerkracht als groepscoach

VO onderbouw De leerkracht als groepscoach

Herkenbaar uit de praktijk

Jesse haalt de hoogste cijfers van 2 vwo en wordt daar door een deel van de klas net iets te vaak mee weggezet als “de streber van de klas”. Isa, die in de klas veel invloed heeft op wat wel en niet grappig gevonden wordt, plaatst regelmatig een sarcastische opmerking over Jesse in haar Instagram-verhaal, zichtbaar voor het grootste deel van de klas. De mentor spreekt op een gegeven moment Isa aan en het gedrag stopt inderdaad, maar twee weken later zijn het Milan en Fleur die dezelfde toon overnemen. Het probleem is niet opgelost door één leerling aan te pakken: de norm in de klas, dat het “gewoon grappig” is om Jesse een uitslover te noemen, is niet veranderd.

Wat leren leerlingen?

Leerlingen kunnen uitleggen waarom pesten een groepsproces is en niet slechts een zaak tussen twee individuen. Zij kunnen benoemen welke rollen leerlingen in een pestsituatie kunnen innemen en beargumenteren waarom het aanpakken van alleen de leerling die pest de norm in een klas niet per definitie verandert.

Waarom deze les?

Leerlingen willen dat leerkrachten begrijpen dat pesten draait om meer dan dader en slachtoffer: ook aanmoedigers, assistenten, meelopers en buitenstaanders houden het patroon in stand. Wetenschappelijk onderzoek naar pesten als groepsproces, onder meer uitgevoerd aan de Rijksuniversiteit Groningen, laat zien dat leerlingen die pesten vaker bevriend raken met andere leerlingen die pesten en elkaar daarin aanmoedigen, en dat de klas als geheel een norm vormt die bepaalt hoe aantrekkelijk pesten is als middel om status te verwerven. Juist in de onderbouw, waar klassen nog volop bezig zijn met het bepalen van die sociale rangorde, is dit inzicht cruciaal: niet alleen de dader corrigeren, maar de norm van de hele groep beïnvloeden.

Doelgroep en moment

Deze les is ontwikkeld voor vwo onderbouw, leerjaar 2. De les is geschikt tijdens de Week tegen Pesten en als verdiepende les binnen mentoraat of burgerschap, bij voorkeur na een les waarin leerlingen al kennis hebben gemaakt met het begrip groepsdruk.

Praktische informatie

Duur: 40 minuten. Doelgroep: vwo onderbouw, leerjaar 2. Uitvoerder: mentor of docent burgerschap. Benodigde materialen: geen kopieën nodig; casus en stellingen worden voorgelezen of op het bord geschreven. Werkvormen: rollenanalyse in tweetallen, kort positioneringsdebat, individuele reflectie.

Lesopbouw

Tijd

Onderdeel

Werkvorm

0-5 min

Introductie: wie houdt pesten in stand

Sprekerstekst docent

5-10 min

Casus lezen

Klassikaal

10-20 min

Rollenanalyse

Tweetallen

20-30 min

Positioneringsdebat

Klassikaal debat

30-38 min

Uitleg onderzoek en reflectie

Klassikale uitleg en individuele reflectie

38-40 min

Afsluiting

Klassikaal

Introductie voor de docent

“Als je aan iemand vraagt wie er verantwoordelijk is voor pesten, wijst bijna iedereen naar de leerling die pest. Dat klopt ook, die verantwoordelijkheid ligt er. Maar onderzoek naar pesten laat iets interessants zien: als een leerkracht alleen die ene leerling aanpakt, is het pesten in de klas vaak niet voorbij. Vandaag onderzoeken we waarom dat zo is, en wat dat betekent voor wat een leerkracht eigenlijk zou moeten doen: niet alleen een dader corrigeren, maar de hele groep bijsturen.”

Casus: het insta-verhaal

Jesse haalt in 2 vwo de hoogste cijfers van de klas en wordt daar op een subtiele manier voortdurend mee weggezet. Isa, die in de klas bepaalt wat grappig gevonden wordt, plaatst een paar keer per maand een sarcastische opmerking over Jesse in haar Instagram-verhaal, zichtbaar voor het grootste deel van de klas. Milan, die veel met Isa optrekt, reageert altijd als eerste met een lachend berichtje. Fleur stuurt de screenshots door naar een groepsapp zonder Jesse erin, “gewoon omdat het grappig is”. Noud, die al sinds de brugklas met Jesse bevriend is, ziet de verhalen ook voorbijkomen, maar reageert nooit, uit angst dat hij zelf ook doelwit wordt als hij Isa tegenspreekt. De rest van de klas reageert wisselend met lachende emoji’s of reageert helemaal niet, maar niemand spreekt zich uit tegen de toon. Jesse weet dat de verhalen bestaan, omdat een klasgenoot het weleens per ongeluk laat zien, maar heeft er met niemand op school over gesproken. De mentor krijgt op een gegeven moment een melding via een ouder en spreekt Isa apart aan. Isa stopt met de verhalen. Twee weken later maken Milan en Fleur in de pauze dezelfde soort grapjes over Jesse, hardop in de klas.

 

 

Rollenanalyse

Laat leerlingen in tweetallen de volgende rollen uit de casus toewijzen aan personages en in twee zinnen noteren waarom: pester (wie start of stuurt het gedrag), assistent (wie helpt actief mee), aanmoediger (wie beloont het gedrag zonder zelf te starten), buitenstaander (wie kiest geen partij), verdediger (wie grijpt in of probeert te helpen), slachtoffer. Geef hiervoor zes minuten.

Antwoordmodel rollenanalyse

Isa vervult de sturende rol: zij start het gedrag en bepaalt de toon. Milan is assistent: hij helpt actief mee door steeds als eerste te reageren en het gedrag te versterken. Fleur is aanmoediger: zij pest niet actief zelf, maar beloont het gedrag door de screenshots door te sturen en het “grappig” te noemen. Noud is een buitenstaander die eigenlijk dichter bij verdediger zou moeten staan, gezien zijn vriendschap met Jesse, maar die rol niet oppakt uit angst voor zijn eigen positie. De rest van de klas gedraagt zich overwegend als buitenstaander of milde aanmoediger door te reageren met emoji’s. Jesse is het slachtoffer. Uitleg: leerlingen wisselen vaak van rol; wie in de ene situatie meeloper is, kan in een andere situatie verdediger zijn, en andersom. Veelgemaakte denkfout: leerlingen denken vaak dat een buitenstaander “niets doet” en dus geen invloed heeft; onderzoek laat zien dat het niet ingrijpen van een grote groep buitenstaanders juist bijdraagt aan het in stand houden van de norm dat het pesten oplevert of geaccepteerd wordt.

Positioneringsdebat

Lees de volgende stelling voor: “Als de mentor de leerling aanpakt die het pesten start, is het probleem in de klas opgelost.” Laat leerlingen fysiek of met een duim positie kiezen: mee eens, mee oneens, of ergens ertussenin. Geef beide kanten twee minuten voorbereidingstijd in kleine groepjes en laat daarna om beurten een argument per kant horen. Sluit af met de vraag of iemand van positie is veranderd en waarom.

Antwoordmodel en uitleg bij de stelling

Antwoordmodel: de stelling is te kort door de bocht. Het aanpakken van de leerling die pest is nodig en juist, maar lost niet automatisch de norm in de klas op waarin het “grappig” of “normaal” gevonden werd om Jesse weg te zetten. Zolang die norm bestaat, kan een andere leerling, zoals Milan of Fleur, het gedrag overnemen. Uitleg: onderzoek naar pesten als groepsproces laat zien dat leerlingen die pesten vaak vriendschappen aangaan met andere leerlingen die pesten en elkaar daarin versterken, en dat de acceptatie van pesten door invloedrijke klasgenoten bepaalt hoe aantrekkelijk het is om door te gaan. Als veel leerlingen in een klas tegen pesten optreden, wordt het voor een pester juist minder aantrekkelijk om door te gaan, omdat het dan geen sociale winst meer oplevert. Veelgemaakte denkfout: leerlingen (en soms ook volwassenen) denken dat pesten stopt zodra de “hoofdschuldige” gecorrigeerd is; in werkelijkheid verschuift de rol vaak naar een andere leerling zolang de groepsnorm niet is veranderd.

Wat betekent dit voor de leerkracht als groepscoach

Leg klassikaal uit dat een leerkracht die als groepscoach optreedt niet stopt bij het aanspreken van de leerling die pest, maar ook actief de norm van de groep benoemt: bijvoorbeeld door in te gaan op wat er wél gewaardeerd wordt in de klas, door verdedigend gedrag zichtbaar te belonen, en door herhaaldelijk aan te geven welk gedrag niet geaccepteerd wordt, ook als dat gedrag van een andere leerling komt dan de vorige keer. Vraag leerlingen wat zij zelf zouden willen dat een mentor zegt tegen de hele klas, in plaats van alleen tegen Isa.

Reflectieopdracht

Laat iedere leerling onderstaande vragen individueel en schriftelijk beantwoorden. Geef hiervoor vijf minuten de tijd.

  1. Welke rol uit de rollenanalyse herken jij het vaakst bij jezelf, in verschillende situaties?
  2. Waarom is het voor Noud moeilijk om verdediger te worden, en wat zou dat voor hem makkelijker maken?
  3. Wat zou jij willen dat een mentor tegen de hele klas zegt, in plaats van alleen tegen de leerling die pest?
  4. Welke kleine actie zou jij deze week kunnen doen om de norm in jouw klas bij te sturen?

Evaluatie

Sluit af met de vraag: kan iedereen in één zin uitleggen waarom het aanpakken van alleen de pester niet altijd voldoende is? Laat een paar leerlingen dit hardop formuleren en vul aan waar nodig.

Differentiatie

Voor leerlingen die moeite hebben met het debat, geef vooraf twee kant-en-klare argumenten per positie mee die zij kunnen gebruiken en aanvullen. Voor leerlingen die meer verdieping aankunnen, laat hen onderzoeken hoe de rol van Noud zou veranderen als hij zelf ook veel status in de klas had, en wat dat zegt over de relatie tussen status en verdedigen.

Checklist voorbereiding

Lees de casus, het antwoordmodel en de uitleg over groepscoaching vooraf door. Bepaal vooraf hoe je in jouw klas fysiek positie laat kiezen bij het debat (bijvoorbeeld door leerlingen naar een kant van het lokaal te laten lopen). Bedenk een concreet voorbeeld uit je eigen klas van gedrag dat je als verdedigend zou willen benoemen en belonen.

 

 

Bronnen

Stop Pesten Nu (z.d.). Pesten aanpakken als groepsproces, met bespreking van onderzoek van Gijs Huitsing (Rijksuniversiteit Groningen, proefschrift over pesten als groepsproces), Loes Pouwels (Radboud Universiteit Nijmegen / Erasmus Universiteit Rotterdam, proefschrift The Group Process of Bullying, 2018) en Johannes Ashwin Rambaran (proefschrift The classroom as context for bullying: a social network approach). Geraadpleegd via: https://www.stoppestennu.nl/pesten-aanpakken-als-groepsproces

Rijksuniversiteit Groningen, Research Portal. Pesten als groepsproces. https://research.rug.nl/en/publications/pesten-als-groepsproces-3/

Salmivalli, C., Lagerspetz, K., Björkqvist, K., Österman, K., & Kaukiainen, A. (1996). Bullying as a group process: Participant roles and their relations to social status within the group. Aggressive Behavior, 22(1), 1-15. Oorspronkelijke bron van de rolindeling pester, assistent, aanmoediger, verdediger, buitenstaander en slachtoffer, zoals gebruikt in Nederlands en Vlaams pestonderzoek.

Meer informatie over pesten als groepsproces in het voortgezet onderwijs: https://www.stoppestennu.nl/de-oplossing-voor-pesten-ligt-bij-de-groep-v... en actuele materialen voor de Week tegen Pesten: https://www.stoppestennu.nl/week-tegen-pesten-2026-stop-pesten-nu-0

Onderwijssoort: 
VO / Voortgezet onderwijs