Lesidee VO Zie jij wat ik zie?

VO Zie jij wat ik zie?

Herkenbaar uit de praktijk

“Je hebt het gevoel dat er iets speelt in de klas. Er wordt gelachen als één leerling iets zegt. In de pauze staat iemand steeds alleen. In de groepsapp reageren sommige leerlingen nergens meer op. Toch zegt niemand dat er wordt gepest.

Juist subtiele signalen zijn vaak het begin van een onveilige groepscultuur. Deze les helpt leerlingen én docenten om die signalen eerder te herkennen.”

Doelgroep VO klas 1 t/m 6 (vmbo, havo en vwo)

Duur 50 minuten

Wanneer inzetten?

Tijdens de Gouden Weken, de Week tegen Pesten of gedurende het hele schooljaar.

Wat leren leerlingen?

Pesten begint meestal niet met schoppen of schelden. Vaak begint het klein: iemand wordt steeds niet gekozen, krijgt geen reactie in de groepsapp of anderen lachen nét iets te hard om een opmerking.

Tijdens deze interactieve les ontdekken leerlingen hoe subtiel pesten eruit kan zien en welke invloed de hele groep daarop heeft. Ze leren signalen herkennen, hierover met elkaar in gesprek te gaan en na te denken over hun eigen rol binnen de groep.

Leerdoelen

Na afloop kunnen leerlingen:

  • minimaal acht signalen van subtiel pesten herkennen;
  • uitleggen waarom pesten een groepsproces is;
  • benoemen welke invloed omstanders hebben;
  • bedenken hoe zij zelf positief kunnen bijdragen aan een veilige groep.

Benodigdheden

  • Werkblad ‘Zie jij wat ik zie?’
  • Pen
  • Whiteboard of digibord
  • Groene en rode kaartjes (of vingers omhoog/omlaag)

Lesopbouw

Introductie (5 minuten)

Vraag aan de klas:

“Wanneer noem je iets pesten?”

Laat enkele leerlingen antwoorden.

Vertel vervolgens:

“Veel mensen denken bij pesten aan schelden of slaan. Maar vaak begint het veel kleiner. Vandaag gaan we kijken of jullie die kleine signalen herkennen.”


Opdracht 1 – Signalen herkennen (10 minuten)

Lees onderstaande situaties één voor één voor.

Laat leerlingen stemmen:

Groen = normaal.

Rood = mogelijk pesten.

Situaties

  1. Iemand wordt drie keer achter elkaar niet gekozen.
  2. Een leerling krijgt nooit reacties in de groepsapp.
  3. De hele klas lacht als één leerling een antwoord geeft.
  4. Iemand zit iedere pauze alleen.
  5. Er wordt een bijnaam gebruikt terwijl iemand heeft gezegd dat niet leuk te vinden.
  6. Een foto wordt doorgestuurd zonder toestemming.

Bespreek iedere situatie kort.

Belangrijk antwoord:

Geen enkel signaal bewijst direct dat er sprake is van pesten. Maar meerdere signalen samen kunnen wijzen op een onveilige groepscultuur.


Opdracht 2 – Groepsdetectives (15 minuten)

Verdeel de klas in groepjes.

Geef ieder groepje het werkblad.

Opdracht:

Jullie zien deze signalen in een klas.

  • één leerling wordt nooit aangekeken;
  • anderen lachen vaak zacht;
  • iemand wordt niet toegevoegd aan een groepsapp;
  • dezelfde leerling zit altijd alleen.

Bespreek:

  • Wat valt op?
  • Welke signalen zie je?
  • Wie kan hier iets veranderen?
  • Wat zou jij morgen kunnen doen?

Laat ieder groepje één conclusie presenteren.


Klassengesprek (10 minuten)

Bespreek samen.

Vragen:

  • Waarom grijpen mensen vaak niet in?
  • Waarom lachen mensen soms mee?
  • Kan zwijgen ervoor zorgen dat pesten doorgaat?
  • Welke kleine actie maakt morgen al verschil?

Schrijf alle positieve ideeën op het bord.


Afsluiting (10 minuten)

Iedere leerling schrijft één actie op.

Morgen ga ik…

Bijvoorbeeld:

  • naast iemand zitten;
  • iemand begroeten;
  • niet meelachen;
  • iemand uitnodigen;
  • zeggen dat iets niet oké is.

Verzamel de briefjes anoniem.

Werkblad – Zie jij wat ik zie?

Naam: ______________________

Opdracht 1

Welke signalen herken jij?

□ Iemand wordt vaak onderbroken.

□ Niemand reageert op berichten.

□ Iemand zit vaak alleen.

□ Altijd dezelfde grapjes.

□ Steeds dezelfde persoon wordt niet gekozen.

□ Iemand wordt genegeerd.

□ Er wordt gefluisterd zodra iemand langskomt.

□ Er worden foto’s gedeeld zonder toestemming.

Opdracht 2

Welke drie signalen vind jij het meest zorgelijk?

  1. 1.
  2. 2.
  3. 3.

Opdracht 3

Welke kleine actie zou jij kunnen doen?



Antwoorden docent

Opdracht 1

Alle genoemde voorbeelden kunnen signalen zijn van subtiel pestgedrag. Eén signaal betekent niet automatisch dat er sprake is van pesten. Het gaat om patronen die zich herhalen en om de invloed van de groep.

Opdracht 2

Er zijn geen foute antwoorden. Belangrijk is dat leerlingen hun keuze kunnen onderbouwen.

Opdracht 3

Voorbeelden:

  • iemand aanspreken;
  • naast iemand gaan zitten;
  • niet meelachen;
  • iemand betrekken bij een opdracht;
  • melden bij een docent;
  • vragen hoe het gaat.

Differentiatie

Vmbo:
Werk met meer praktijkvoorbeelden en minder discussie.

Havo:
Laat leerlingen uitleggen waarom groepsdruk invloed heeft op gedrag.

Vwo:
Bespreek hoe sociale normen ontstaan en hoe één persoon invloed kan hebben op de groepscultuur.

Docententip

Let tijdens de les niet alleen op de antwoorden van leerlingen, maar ook op hun onderlinge reacties. Wie wordt onderbroken? Wie krijgt weinig aandacht? Wie neemt automatisch het woord? Juist deze observaties kunnen waardevolle signalen geven over de groepsdynamiek.

Wetenschappelijke onderbouwing

Pesten is een groepsproces. Onderzoek van de Rijksuniversiteit Groningen laat zien dat omstanders en groepsnormen een belangrijke rol spelen bij het ontstaan én stoppen van pesten. Door leerlingen bewust te maken van subtiele signalen en hun eigen invloed op de groep, kan de sociale veiligheid worden versterkt.


Ik vind dit formaat veel sterker voor Stop Pesten Nu. Iedere les is ongeveer 5 à 6 pagina’s, leest prettig, is direct uitvoerbaar en vraagt weinig voorbereiding van de docent. Bovendien kunnen jullie hierdoor veel sneller een grote bibliotheek met kwalitatieve lesmaterialen opbouwen.

Onderwijssoort: 
VO / Voortgezet onderwijs