Waarom individuele straffen niet werken | Stop Pesten NU

Waarom individuele straffen niet werken

Pesten is geen geïsoleerd incident tussen een dader en een slachtoffer, maar een complex groepsproces dat zich afspeelt binnen de sociale dynamiek van een klas of groep. Om deze reden zijn individuele straffen vaak onvoldoende en ineffectief bij de aanpak van pesten. De bronnen benadrukken dat de rest van de groep een veel grotere rol speelt in het in stand houden van pestgedrag dan vaak wordt gedacht. Hier zijn de belangrijkste redenen waarom individuele straffen bij pesten niet effectief werken:

Pesten wordt in stand gehouden door de groep:

  • Impliciete goedkeuring door buitenstaanders:
    Wanneer omstanders, die getuige zijn van pesten, passief blijven en niet ingrijpen, geven ze hiermee stilzwijgend goedkeuring aan het pestgedrag, waardoor pesters zich gesterkt voelen en hun gedrag kunnen voortzetten. Onderzoek toont aan dat omstanders in 80% van de pestincidenten aanwezig zijn, en wanneer zij ingrijpen, stopt het pestgedrag in 57% van de gevallen binnen 10 seconden.
     
  • Status en populariteit als beloning voor pesters:
    Pesten kan voor daders, en hun volgers (assistenten en aanmoedigers), een effectieve manier zijn om dominantie en status te verwerven in de klas, vooral in de adolescentie. Leerlingen kunnen hun status verhogen door anderen te domineren, vooral niet-populaire, afgewezen leerlingen, om zo geen affectie van belangrijke klasgenoten te verliezen. Zolang pesten een "opbrengst" heeft voor de dader in termen van status, zullen individuele straffen minder motiverend zijn om het gedrag te stoppen.
     
  • Angst voor sociale gevolgen:
    Veel omstanders willen pesten stoppen, maar aarzelen om in te grijpen uit angst zelf het doelwit te worden of bang zijn voor negatieve sociale gevolgen binnen de groep, vooral als pesten de norm is in de klas. Dit creëert een omgeving waarin pesters ongestoord kunnen doorgaan.
     
  • Groepsnormen:
    De waardering van pesten is afhankelijk van de context en de normen van de groep. Als populaire leerlingen pesten accepteren, is de acceptatie van daders in de klas groter. Om pesten aan te pakken, moet de norm in de klas veranderen, zodat dit gedrag wordt afgekeurd door iedereen, zowel leerlingen als leerkrachten.

Traditionele aanpakken zijn ontoereikend

  • Focus op dader en slachtoffer negeert de groep:
    Veel leerkrachten zien pesten nog steeds als een probleem tussen alleen de pester en het slachtoffer en richten zich uitsluitend op het gedrag van de pester en het bieden van ondersteuning aan het slachtoffer. Deze aanpak mist echter de cruciale rol van de groep in het pestproces.
     
  • Leerkrachten onderschatten pesten en herkennen rollen beperkt:
    Leerkrachten onderschatten pesten fors, en hun waarneming van pesten komt vaak niet overeen met die van leerlingen. Vooral subtielere vormen zoals relationeel en verbaal pesten zijn moeilijk waarneembaar voor leerkrachten. Daarnaast is er nauwelijks onderzoek gedaan naar de mate waarin leerkrachten de verschillende rollen in het pestproces (assistent, aanmoediger, buitenstaander, verdediger) waarnemen, en het beperkte onderzoek suggereert dat dit ook niet het geval is. Dit maakt individuele interventies, gebaseerd op onvolledige waarnemingen, minder effectief.
     
  • Dynamische rollen:
    De rollen van leerlingen bij pesten zijn niet statisch en kunnen per situatie wisselen. Daders kunnen bijvoorbeeld ook verdedigers zijn voor hun eigen vrienden of 'ingroep', terwijl ze anderen pesten. Een uitsluitend individuele straf negeert deze complexe dynamiek en de mogelijkheid dat een leerling in een andere context een andere rol aanneemt.