Week tegen Pesten lespakket Pesten als groepsproces - PO, VO en MBO | Stop Pesten NU

Week tegen Pesten lespakket Pesten als groepsproces - PO, VO en MBO

1. Groepsnormenkaart (PO, VO, MBO)

Doel: leerlingen/studenten maken samen afspraken over hoe ze handelen bij pesten of buitensluiting.

Materiaal: groot vel papier of digitaal document.

Docentinstructie:

  • Zorg dat afspraken positief en concreet zijn.

  • Hang de kaart zichtbaar op (of digitaal beschikbaar in MBO).

  • Kom er regelmatig op terug.

PO – voorbeeldafspraken

  • “Als iemand zegt stop, luisteren we meteen.”

  • “We vragen altijd of iemand mee wil doen.”

  • “We helpen elkaar door het te zeggen tegen de juf of meester.”

VO – voorbeeldafspraken

  • “We gebruiken geen bijnamen als iemand dat niet wil.”

  • “Als iemand buitengesloten wordt, stappen we in of melden we het.”

  • “We laten elkaar uitpraten.”

MBO – voorbeeldafspraken

  • “Op stage en in projecten verdelen we taken eerlijk.”

  • “Op WhatsApp gebruiken we geen grove taal tegen elkaar.”

  • “Als er problemen zijn, melden we dit bij de mentor of praktijkbegeleider.”

 

2. Observatiekaart pestrollen

Doel: docenten herkennen de groepsrollen in pestsituaties.

Materiaal: A4 overzicht.

Inhoud kaart (voor docent):

  • Pester: begint of stuurt aan.

  • Versterker: lacht mee, moedigt aan.

  • Meeloper: doet mee zonder te leiden.

  • Buitenstaander: kijkt weg, grijpt niet in.

  • Verdediger: neemt het op voor de ander.

  • Slachtoffer: wordt gepest of buitengesloten.

Vragen om te observeren:

  • Wie bepaalt de toon in de groep?

  • Wie lacht of kijkt weg?

  • Wie wordt genegeerd of buitengesloten?

  • Wie neemt het op voor de ander?

Tip: herhaal de observatie in verschillende situaties (les, pauze, online).

 

3. Gesprekskaarten “Niet ingrijpen = meedoen”

Doel: groepsdruk bespreekbaar maken.

Materiaal: kaart met vragen per niveau.

PO – voorbeeldvragen

  • “Wat doen we als iemand alleen wordt gelaten?”

  • “Wat kan jij doen als iemand wordt uitgelachen?”

  • “Is het eerlijk om niks te zeggen?”

VO – voorbeeldvragen

  • “Waarom denken sommige leerlingen: ik bemoei me er niet mee?”

  • “Wat gebeurt er als iedereen wegkijkt?”

  • “Hoe voelt het om degene te zijn waar niet voor wordt opgestaan?”

MBO – voorbeeldvragen

  • “Wat is professioneel gedrag bij grensoverschrijdend gedrag in de klas of op stage?”

  • “Wat betekent ‘wegkijken = meedoen’ in een werksetting?”

  • “Hoe kun je ingrijpen zonder je klasgenoot of collega af te vallen?”

 

4. Checklist groepsdruk en zwijgcultuur

Doel: docenten zien sneller of een groep pestgedrag stilhoudt of normaliseert.

Materiaal: korte checklist.

Voor docent (ja/nee vragen):

  • Worden grappen vaak weggezet als ‘niet zo erg’?

  • Zijn er leerlingen/studenten die altijd het mikpunt zijn van humor?

  • Lachen meerdere leerlingen mee terwijl één duidelijk ongemakkelijk is?

  • Wordt melden vaak bestempeld als ‘snitchen’?

  • Durven leerlingen elkaar in de les aan te spreken?

Interpretatie:

  • 2 of meer keer ‘ja’ → groepsdruk is aanwezig, bespreekbaar maken.

  • 3 of meer keer ‘ja’ → grote kans op onveilig zwijgen, direct actie ondernemen.

 

5. Quickscan “Plagen of pesten?”

Doel: leerlingen/studenten leren het verschil zien.

Materiaal: korte quiz (papier/digitaal).

Lees meer ► Verschil plagen en pesten

 

Stelling 1: Iemand krijgt één keer een bijnaam van een vriend(in) en lacht mee.

  • Antwoord: plagen.

Stelling 2: Een leerling wordt elke pauze niet gekozen bij voetbal.

  • Antwoord: pesten (herhaling + buitensluiting).

Stelling 3: In een groepsapp maakt iemand steeds dezelfde grap over één klasgenoot.

  • Antwoord: pesten (herhaald, gericht, niet grappig voor het slachtoffer).

Toelichting: Plagen is kort, gelijkwaardig en niet gemeen. Pesten is herhaald, ongelijkwaardig en kwetsend.

 

6. Poster “Samen stoppen we pesten”

Doel: visueel laten zien dat pesten een groepsproces is.

Inhoud poster:

  • Cirkel met rollen: pester, meeloper, versterker, buitenstaander, verdediger, slachtoffer.

  • Slogan: “Pesten stopt als de groep het stopt.”

  • Korte reminder: niet ingrijpen = meedoen.

Tip: maak een aparte versie per niveau (PO kleurrijk, VO strak, MBO volwassen/professioneel).

 

7. Mini-quiz voor docenten

Doel: bewustwording van subtiele signalen en handelingsopties.

Materiaal: 5 casussen met feedback.

Casus 1: Een leerling zegt steeds “grapje hoor” nadat hij iemand belachelijk maakt.

  • Juiste reactie: direct benoemen dat dit kwetsend is, ook als het een ‘grapje’ heet.

Casus 2: Een student wordt niet toegevoegd aan de WhatsAppgroep van de klas.

  • Juiste reactie: bespreekbaar maken in de groep, dit is buitensluiting.

Casus 3: Je ziet drie leerlingen lachen als één binnenkomt.

  • Juiste reactie: observeren, benoemen, navragen bij de leerling.

Casus 4: Een mentor hoort dat melden wordt gezien als ‘snitchen’.

  • Juiste reactie: uitleggen dat melden verantwoordelijkheid nemen is.

Casus 5: Een leerling zegt “ik laat me er niet mee bemoeien”.

  • Juiste reactie: benoemen dat niet ingrijpen ook meedoen is.

 

Slotadvies voor gebruik tijdens de Week

  • Zet elke dag één tool centraal (maandag groepsnormenkaart, dinsdag observatiekaart, etc.).

  • Combineer zichtbaar (poster, kaart) met actief (quiz, gesprek).

  • Deel alles gebundeld als gratis Week tegen Pesten pakket zodat scholen direct kunnen starten.