Apestaartjaren 2020: de samenvatting | Stop Pesten NU

Apestaartjaren 2020: de samenvatting

Hoe gaan Vlaamse jongeren om met digitale media? Dat is al sinds 2006 de vraag die Apestaartjaren bezig houdt. 

Interessantste inzichten uit Apestaartjaren 2020 

Hoe ziet de digitale leefwereld van Vlaamse kinderen en jongeren tussen 6 en 18 jaar eruit? Dat leerden we ook dit jaar uit het grootschalig tweejaarlijks jongerenonderzoek Apestaartjaren. Hoewel de opmerkelijkste resultaten niet op een fysiek event bekendgemaakt konden worden, moest de online webinar met maar liefst driehonderd aanwezigen zeker niet onderdoen. En dat dankzij de jarenlange/waardevolle samenwerking tussen Mediaraven, Mediawijs, Universiteit Gent en WAT WAT.

Jongereninformatieplatform WAT WAT kreeg dit jaar de kans om het evenement mee vorm te geven vanuit hun expertise in jongerencommunicatie. Zo’n waardevol onderzoek, daar zet WAT WAT met plezier de schouders onder. Ook Sofie Iserbyt, merkstrateeg van WAT WAT, is vol lof: “We willen in de toekomst nog meer inzetten op onderzoek naar de informatienoden van onze jongste doelgroep. Onze strategieën, die baseren we op de interessante inzichten die uit het Apestaartjarenonderzoek voortkomen.”

Download het volledige onderzoeksrapport:

89 procent van de jongeren zit op YouTube, 86 procent zit op Instagram

dé kanalen waarop WAT WAT inzet. Volgens Mohamed Ouaamari, socialemediastrateeg van WAT WAT, zijn die jongeren wel bereikbaar, maar dat is niet het belangrijkst: “De vraag is: heb je ook impact op de jongeren die je met je advertenties bereikt? Bereiken is niet hetzelfde als informeren of overtuigen.” Hij merkt op dat advertenties makkelijk weggeklikt worden: “De content die je maakt moet dus gewoon goed en toegankelijk zijn.”

“We willen vooral jongeren een stem geven"

Post niet dezelfde content op verschillende kanalen

En die toegankelijkheid staat duidelijk centraal in de communicatie van WAT WAT. “Je kan beter al je tijd en middelen investeren in een platform met een breed publiek”, raadt Mohamed aan. Want ook al is het mediagebruik van jongeren heel versnipperd, WAT WAT zet niet in op andere platformen: “WAT WAT is te klein om naast een website, campagnes, Instagram en YouTube ook op andere platformen in te zetten. En dezelfde content op verschillende kanalen posten, dat werkt gewoon niet.” Hoe ze het dan wel aanpakken? “Op Instagram beantwoorden we op een duidelijke, aantrekkelijke manier allerlei actuele vragen. Op YouTube verdiepen we ons in die thema’s met reportages over de leefwereld van jongeren”, licht Mohamed toe. We willen jongeren vooral een stem geven.”

“De meeste vragen van jongeren zijn tijdloos"

SOFIE ISERBYT

Jongeren gaan online op zoek naar identiteit

Kwam ook uit het onderzoek naar voren: jongeren gaan online op zoek naar hun identiteit. “Als je jong bent, zit je met veel vragen”, bevestigt Sofie. “WAT WAT wil er zijn voor iedereen die het eventjes niet meer weet.” Betrouwbare informatie helpt hen keuzes maken of stelt hen gewoon gerust. Apestaartjaren stelde ook vast dat jongeren maar weinig interesse hebben in de actualiteit. “Bij actualiteit denken we niet enkel aan nieuws”, verklaart Sofie. “We spelen in op de vragen die leven onder jongeren. Die worden soms getriggerd door de actualiteit, maar ook door series als wtFOCK kunnen heel wat vragen oproepen.” Toch staat het gros van de vragen op de website helemaal los van de actualiteit. De meeste vragen van jongeren zijn tijdloos.”

“WAT WAT beschikt over een heel arsenaal aan gespecialiseerde hulplijnen in heel Vlaanderen."

SOFIE

Mediawijsheid

“Maar fake news herkennen jongeren niet of nauwelijks”, waarschuwt Sofie. Zo bleek uit het laatste PISA-onderzoek dat minder dan tien procent van de vijftienjarigen wereldwijd een feit van een mening kan onderscheiden. “We moeten blijven inzetten op mediawijsheid om jongeren te versterken als kritisch denkende burgers.” Mediawijsheid omvat volgens Sofie een hele waaier aan topics: “Op heel wat van die thema’s speelt WAT WAT in met betrouwbare informatie.” Ouders kunnen voor informatie over mediaopvoeding terecht bij Medianest. "WAT WAT beschikt over een heel arsenaal aan gespecialiseerde hulplijnen in heel Vlaanderen.” 

Toch wordt er met die ouders niet snel over problemen gepraat, blijkt nu. “We moedigen jongeren altijd aan om met iemand die ze vertrouwen te praten wanneer ze daar nood aan hebben”, aldus Sofie. Al kunnen niet alle jongeren bij iemand terecht. Of WAT WAT dat gat dan kan opvullen? “Zie de website als een dispatchplatform: we gaan nooit zelf als hulplijn optreden, maar jongeren wel toeleiden naar de meest gespecialiseerde hulplijn”, legt ze uit. Daarvoor beschikt WAT WAT over een heel arsenaal aan hulplijnen in heel Vlaanderen.

Een samenvatting van de opmerkelijkste resultaten, onderzoeksrapporten over de digitale leefwereld van kinderen en van jongeren, aanbevelingen voor ouders, onderwijs, professionelen en beleid, én de mening van de jongeren zelf? Die vind je allemaal terug op de website van Apestaartjaren. 

 

Het Apestaartjaren-onderzoek is een tweejaarlijkse bevraging door MediaravenMediawijs en onze onderzoeksgroep imec-mict. Het onderzoek brengt niet alleen de digitale leefwereld van kinderen en jongeren in kaart, maar toont ook hoe ze daar invulling aan geven en welke uitdagingen dat met zich meebrengt. 

Het onderzoek bestaat uit twee bevragingen: een uitgebreide survey bij kinderen van 6 tot 12 jaar in de lagere school en bij jongeren van 12 tot 18 jaar in de middelbare school. 

KINDEREN, tussen 6 en 12 jaar

Jonger een smartphone

De tablet blijft het populairste toestel bij kinderen, al krijgen ze steeds jonger een smartphone in hun bezit. In 2018 was de 12 jarige leeftijd en de stap naar het middelbaar het schakelpunt, in 2020 krijgen ze die al aan hun 9 jaar. Kinderen gebruiken digitale toestellen nog steeds vooral om video’s te kijken en spelletjes te spelen, al luisteren ze nu ook meer naar muziek via zo’n toestel.

YouTube op de tablet, TikTok op de smartphone

Filmpjes kijken, muziek luisteren en spelletjes spelen zijn de favoriete activiteiten van kinderen. YouTube, Spotify en Netflix zijn hun favoriete platformen. Van zodra ze een smartphone krijgen, komen TikTok, Snapchat en Whatsapp in beeld. Kinderen kiezen voor elk communicatiedoel een ander kanaal. Praten met vrienden gebeurt via Whatsapp, ouders krijgen nog een telefoontje.

Liegen over leeftijd

Op veel sociale media geldt eigenlijk een leeftijdsgrens van 13 jaar. Toch gebruiken gebruikt 44% TikTok, 27% Snapchat en 22% Instagram. Ouders hebben daar weinig problemen mee, maar houden wel graag een oogje in het zeil.

Praten over cyberpesten

13% van de kinderen had ooit last van cyberpesten. 28% praat daar met niemand over en als ze het wel doen dan is dat voor 39% van de kinderen met de ouders en voor 33% met klasgenoten.

Opvoeden in tijden van digitalisering

Bij 82% van de kinderen zijn er thuis regels over het mediagebruik. Bij 58% zijn er afspraken over schermtijd, bij 45% over wanneer ze media mogen gebruiken. Naarmate kinderen ouder worden, krijgen ze minder regels opgelegd. Volwassenen die een oogje in het zeil houden zonder daar afspraken over te maken, breken het vertrouwen met hun kind. Een eigen plekje, zowel online als offline, is belangrijk. 

JONGEREN, tussen 12 en 18 jaar

Jonger een smartphone

De smartphone blijft alomtegenwoordig: 94% van de jongeren heeft er een. Ze krijgen bovendien alsmaar jonger hun eerste eigen smartphone. In 2018 was dat aan 12 jaar en de stap naar het middelbaar het schakelpunt, in 2020 krijgen ze die al aan hun 9 jaar. Die smartphone geven ze op jongere leeftijd ook een sociaal nut. Jongeren zijn nu voor hun twaalfde al vertrouwd met Whatsapp, Instagram en Snapchat.

YouTube en Instagram meest gebruikt

89% van de jongeren gebruikt YouTube minstens wekelijks, bij Instagram is dat 86%. Daarmee zijn dat populairste platformen. TikTok is voor de meesten geen wekelijkse kost: 28% van de jongeren gebruikt het wekelijks. Facebook zinkt dieper de vergeetput in. Slechts 39% van de jongeren gebruikt Facebook nog wekelijks. 

Versnipperde communicatie

Hoewel de populairste sociale media ideaal zijn om met elkaar te communiceren, vertellen jongeren niet alles via gelijk welke app. De meeste jongeren sms’en met hun ouders, spreken via Snapchat of Instagram met vrienden af en gebruiken Whatsapp om over schooltaken te overleggen.

Sociale media als nieuwsbron

Sociale media zijn de voornaamste nieuwsbron. 54% van de jongeren lezen dagelijks nieuws via sociale media. De interesse komt bovendien met de jaren: bij jongeren uit de derde graad is de nieuwsconsumptie het grootst. Vooral Facebook blijkt in deze context relevant. Pagina’s en groepen zijn ideaal om te weten wat er in de wereld gebeurt en om zelf een statement te maken.

Cyberpesten minder zichtbaar

17% van de jongeren is het afgelopen jaar online lastig gevallen, slecht behandeld of kwam in aanraking met een schokkende gebeurtenis. 21% van de meisjes was ooit slachtoffer, tegenover 13% bij de jongens. Omstaanders spelen een grote rol bij cyberpesten. Anno 2020 was 25% van de jongeren getuige, tegenover 54% in 2018. Cyberpesten blijkt zich nu vooral in privégesprekken plaats te vinden.

Privacyvaardig, thuis en op school

61% van de Vlaamse jongeren zegt zelden les te krijgen over online privacy. Daarbovenop ergeren ze zich aan de veronderstelling dat ze onverstandig zouden omspringen met hun privacy. Ook schatten jongeren waar thuis afspraken over mediagebruik gemaakt worden, hun privacyvaardigheden hoger in. 

 
Bron UGent
 
Download het volledige onderzoeksrapport: