Gedragsprotocol voorbeeld | Stop Pesten NU

Gedragsprotocol voorbeeld

Voor uw ligt een vernieuwd gedragsprotocol voor de <naam school>. Het gaat in dit protocol om ongewenst grensoverschrijdend gedrag bij leerlingen en niet om (kleine) akkefietjes. In de meeste gevallen zijn deze (kleine) akkefietjes eenvoudig en snel op te lossen. De stappen die hier genoemd worden treden in werking bij gedrag dat herhaaldelijk plaatsvindt en niet eenvoudig te corrigeren is. Het stappenplan is bedoeld voor de teamleden van <naam school>.

Dit protocol is tot stand gekomen in overleg met de Medezeggenschapsraad en vastgesteld op <datum>

De functie van het gedragsprotocol

Het doel van ingrijpen bij incidenten is ongewenst gedrag direct te doen stoppen en ernstige voorvallen en grensoverschrijdend gedrag te doen voorkomen. In situaties waarin ongewenst gedrag wordt gesignaleerd, volgen wij onderstaand stappenplan. De leerkracht, collega leerkrachten en teamlid die het ongewenste gedrag signaleert zet het stappenplan in werking. In het stappenplan wordt aangegeven wanneer ouders betrokken worden.

Ongewenst gedrag wordt hieronder nader uitgelegd. We hebben het dan niet over kleine akkefietjes. Daar wordt de leerling op aangesproken en waar nodig gepast gecorrigeerd. Bij ongewenst gedrag gaat het onder andere om;

Fysieke agressie of geweld

Het uitoefenen van elke vorm van feitelijk geweld op, of gericht tegen het lichaam van een ander. Het ongewenst aanraken van een ander of het non-verbaal dreigen hiermee. Voorbeelden hiervan zijn: schoppen, slaan, duwen, trekken, laten struikelen, bijten, spugen, knijpen, ongewenste lichaamstaal, dreigende gebaren maken, krabben, knietje geven, met materiaal gooien.

Verbale en schriftelijke agressie of geweld

Het mondeling of schriftelijk (brief, SMS, Facebook, Snapchat, Whatsapp enz.) (be)dreigen, beledigen,(seksueel) intimideren, pesten of uitschelden van een persoon.

Vernieling en vandalisme

Het gericht kapotmaken of verstoppen van materialen of het kapotmaken van materialen in combinatie met fysieke agressie of geweld.

Niet luisteren

Niet luisteren kan ook bijdragen aan een onveilig klimaat. Doordat er niet geluisterd wordt, kan een sfeer ontstaan waarbij anderen zich niet prettig voelen. Het gaat hier met name om het niet opvolgen van instructies of het weigerente luisteren naar wat er gezegd wordt.

 

Stappenplan bij ongewenst gedrag

Stap 1 Incident

De leerkracht neemt pedagogische maatregelen om het gedrag van deleerling zodanig te corrigeren dat de leerling, binnen afzienbare tijd, weer kan deelnemen aan de groepsactiviteiten.

De pedagogische maatregelen vinden (het liefst) plaats binnen de bouw.

Waarschuwen en het gewenste gedrag aangeven

  • Tweede keer waarschuwen en gewenste gedrag aangeven.
  • Indien nodig volgt een kleine sanctie (even afkoelen, eencorrigerend gesprek, 1x binnen blijven in de pauze, …etc.).
  • Indien de aard van het incident erom vraagt of er wordt voor dederde keer gewaarschuwd, zal de leerkracht overgaan oponderstaande stappen*.

Het incident wordt te allen tijde besproken met de leerling, waarbijwe rekening houden met zoveel mogelijk behoud van effectievelestijd.

Stappen bij ongewenst gedrag nadat er al kleine sancties entwee waarschuwingen zijn gegeven

  1. Weer vertonen van ongewenst gedrag: de leerling gaat een uur de klas uit en wordt ondergebracht in een andere (vaste) klas. De leerlingkrijgt werk en/of een taak mee. De ouders worden via een korte mail/bericht via het ouderportaal op de hoogte gesteld. Allebetrokkenen (leerkracht/ directie/ betrokken IB0er) wordt in de cc.meegenomen.
  2. Tweede keer door de cyclus (zie hierboven) vertonen van ongewenst gedrag: de leerling gaat een dagdeel de klas uit en wordtondergebracht in een andere klas. De leerling krijgt voldoende werken/of taken mee. De ouders worden via een korte mail op dehoogte gesteld.
  3. Derde keer vertonen van ongewenst gedrag: de leerling gaat vooreen dag de klas uit en wordt ondergebracht in een andere klas. Deleerling krijgt voldoende werk en/of een taak mee. De oudersworden via een mail op de hoogte gesteld (neem de directeur in decc. mee en geef dit ook aan in de mail).

Indien de aard van het incident ernstig is, kan in overleg met de directeur ende gedragsspecialist direct worden overgegaan naar stap 2.

Wanneer de incidenten overgaan in structureel gedrag, wordt de overstap gemaakt naar stap 2. De overstap gebeurt in overleg met directeur en de gedragsspecialist.

 

Stap 2 Periodiek

Deze stap geldt voor alle groepen.

Wanneer stap 1 niet toereikend is en de incidenten zich periodiekherhalen, treedt stap 2 in werking. Stap 2 kan ook direct in werking treden,wanneer de aard van het incident ernstig is.

Er zal een gesprek plaatsvinden tussen de leerling, leerkracht en ouders (eventueel als de situatie dat vraagt aangevuld met de directie en/of ib- er), waarbij concrete afspraken worden gemaakt. Deze concrete afspraken betreffen het gewenste gedrag, beloning bij gewenst gedrag en de strafmaatregel bij grensoverschrijdendgedrag.

Met de ouders wordt de frequentie en de wijze van terugkoppeling besproken.

  • De leerkracht zorgt conform de afspraak voor eenregelmatige terugkoppeling richting de ouders.
  • Indien het incident ernstig is, kan de directeur en/of internbegeleider hierbij betrokken worden.
  • Na een periode van 2 maanden vindt er een eindevaluatiemet de betrokkenen plaats.
  • De afspraken, de gespreksverslagen en de eventueleterugkoppeling via de mail worden geregistreerd in hetleerlingvolgsysteem.
  • De leerkracht informeert de ib-er.

Richtlijnen voor bepaling van de consequenties bij grensoverschrijdend gedrag

  • Indien mogelijk ongedaan maken/vergoeden van de schade.
  • Excuus brief naar/gesprek met betrokkenen.
  • Een ‘natuurlijke’ straf: Als een kind de jas van een ander vies maakt, kan de ‘straf’ zijn dat hij de jas schoonmaakt en daarna zijn excuses aanbiedt om de relatie te herstellen.
  • Stem de straf/beloning af op de persoon. Is het een daadwerkelijke straf of een beloning voor deze leerling?
  • Laat kinderen meedenken in het bepalen van de straf.

Indien bovenstaande maatregelen niet effectief zijn, wordt na een periodevan 2 maanden in overleg met directeur en intern begeleider overgegaan naar stap 3.

 

Stap 3 Structureel

Het gedrag van de leerling blijft (of is direct) storend en mogelijkbedreigend voor zichzelf, medeleerlingen en leraren.

 

De ouders worden zo spoedig mogelijk op school uitgenodigd door dedirectie om het gedrag van hun kind te bespreken en te zoeken naar eenpedagogische oplossing.

  • Er zal een gesprek plaatsvinden tussen de leerling, de leerkracht, gedragsspecialist/ ib-er, directie en de ouders, waarbij concrete afspraken worden gemaakt. Deze afspraken betreffen hetgewenste gedrag en de maatregel bij grensoverschrijdendgedrag.
  • De leerkracht houdt een logboek bij in het leerlingvolgsysteem.

  • Aan het eind van elke week vindt een gesprek plaats met de gedragsspecialist/ ib-er omtrent de voortgang. De leerkrachten/of gedragsspecialist/ ib-er draagt – na dit gesprek – zorgvoor een terugkoppeling richting de betrokken partijen.

  • Indien het incident ernstig is, kan de directeur bij dewekelijkse voortgang betrokken worden.

  • Na een periode van 6 weken vindt er een tussen- en/ofeindevaluatie met de betrokkenen plaats.

  • Bovenstaande wordt geregistreerd in het leerlingvolgsysteem.

  • De  leerling  kan  nu  als  time-out  onder  de  hoede  van  de  directeur  geplaatst worden. Als de directie niet aanwezig is, nemen de aanwezige – daartoe aangewezen – plaatsvervangende teamleden/functionarissende leerling onder hun hoede.

  • De frequentie en duur hiervan worden in bovenstaand gesprek bepaald.Na een gesprek of de afronding van de opgedragen taak gaat de leerlingterug naar de klas.

  • Wanneer de ouders de adviezen afwijzen en niet mee willen werken aan een pedagogisch verantwoorde oplossing, kan de intern begeleider contactopnemen met passende externe instanties.

Richtlijnen  voor  bepaling  van  consequenties  bij  grensoverschrijdend gedrag

De  leerling  blijft  gedurende  twee  weken  om  14.45 uur  een  half  uur na. Gedurende deze tijd maakt de leerling bijvoorbeeld een Powerpoint, extra werk, e.d.

Stap 4 Structureel

Het gedrag van de leerling blijft storend en mogelijk bedreigend voorzichzelf, medeleerlingen en leraren.

 

De ouders worden zo spoedig mogelijk op school uitgenodigd door de directie om het gedrag en het protocol gewenst gedrag verder te bespreken. Bij dit gesprek zijn de leerkracht, gedragsspecialist, de directeur en de ouders aanwezig.  De leerlingen van groep  6 t/m 8  kunnen hierbij  betrokken  worden.

  • De leerling krijgt een time-out en wordt voor één week in een andere groep geplaatst. 
  • Er wordt een stappenplan  gemaakt  met  daarin  alle gemaakte afspraken  over  het  tijdelijk  werken  in  een  andere  groep.
  • De verantwoordelijkheid van het werk blijft bij de eigen leerkracht.
  • Het stappenplan voor deze ene week wordt door zowel school als ouders en leerling ondertekend.
  • Leerlingen uit de onderbouw gaan naar de middenbouw, leerlingen uit de middenbouw gaan naar de bovenbouw en leerlingen uit de bovenbouw gaan naar de onderbouw. 

  • Dit  zijn richtlijnen.  Waar een leerling werkelijk geplaatst wordt is leerkracht- en groepsafhankelijk. Er is deze ene week geen contact met de eigen groep.

  • In de nieuwe groep wordt negatief gedrag genegeerd door de leerkracht en  de  groepsgenoten.  Op  die  manier  wordt  de leerling geholpen  zich  te houden aan de normale gedragsregels.

  •  De leerkracht van de nieuwe groep bespreekt in de groep dat dit kind geholpen moet worden en daarom in deze groep is geplaatst

  • De ouders van de twee betrokken groepen worden niet  op  de hoogte gesteld. Dit roept onnodige onrust op. De leerlingen worden wel ingelicht.

  • De leerling  laat  in  de  andere  groep  zien  da

    t  hij  zich  kan  houden aan  de gedragsregels van de school. De leerkracht van de groep waar de leerling tijdelijk geplaatst is,  houdt een logboek  bij  in het leerlingvolgsysteem.

  • Er kan voor gekozen worden dat een leerling niet met anderekinderen buiten speelt, maar bij de leerkracht blijft.

  • Laat de leerling zien dat hij zich aan de gedragsregels van de school kan houden, wordt hij na één week teruggeplaatst in de eigen groep.

  • Aan het eind van deze week vindt er een gesprek plaats met de leerkrachten en intern begeleider over de voortgang. De intern begeleider draagt zorg voor een terugkoppeling naar alle betrokken partijen.

 

Stap 5 Schorsing/ Verwijdering

Van schorsing van een leerling is sprake wanneer de leerling tijdelijk hetrecht op deelname aan het onderwijs wordt ontzegd. Pas bij een volgendernstig incident, of in het afzonderlijke geval dat het voorgevallen incident zoernstig is, kan worden overgegaan tot een formele schorsing. De wettelijke regeling voor Openbaar Onderwijs is hierbij van toepassing.

 

Gronden voor schorsing

1.  Ernstig wangedrag van de leerling, waardoor de leerling eenernstige bedreiging vormt van de orde, rust en/of veiligheid opschool.

2.  Ernstig wangedrag van de ouder(s) van de leerling, waardoor deouders een ernstige bedreiging vormen voor de orde, rust en/ofveiligheid op school.

3.  Een andere grond die het in het belang van de school en/of deschool dringend noodzakelijk maakt dat de leerling tijdelijk niet opschool komt.

 

Toelichting:

Ad 1. Te denken valt bijvoorbeeld, maar niet uitsluitend, aan herhaalde driftbuien of mishandeling van een medeleerling. Het kan hier gaanom een enkele actie, maar ook

om een herhaalde actie of om een gedragspatroon.

Ad 2. Te denken valt bijvoorbeeld, maar niet uitsluitend, aanbedreiging van medeleerling of een medewerker van de school.

Ad 3. Andere gronden kunnen zijn: herhaalde Ies-/ordeverstoring,wangedrag tegenover leerkrachten en/of medeleerlingen, diefstal, beroving, afpersing, bedreiging, geweldpleging, gebruik van alcohol Ofdrugs tijdens schooltijden, handel in drugs of in gestolen goederen, bezit van wapens of vuurwerk.

 

Protocol vanuit <naam school>

 

Protocol schorsing en verwijdering

Wat te doen bij (ernstig) ongewenst gedrag van een leerling

We willen dat leerlingen van de <naam school> kunnen vertrouwen op eenveilige en vertrouwde leeromgeving. Iedereen heeft daarin een rol: kinderen, leerkrachten en ouders

1. Heel soms komt het voor dat een leerling zich zó gedraagt, dat de rust en veiligheid op school in het gedrang komen. Gelukkig zijn het uitzonderingen, maar juist vanwege de ernst van zo’n situatie is het belangrijk om goede afspraken te maken over hoe daarmee om te gaan. Daarvoor is dit protocol bedoeld. Het treedt in werking bij (ernstig) ongewenst gedrag van eenleerling, waardoor de belangen van het kind en andere leerlingen en/ofpersoneelsleden van de school geschaad worden. De directeur beoordeelt ofer sprake is van bovenstaande criteria. Binnen Morgenwijzer kunnen we inzo’n situatie drie verschillende maatregelen nemen, afhankelijk van de ernstvan de situatie:

1.  Time-out

2.  Schorsing

3.  Verwijdering

 

1.   Time-out

Een ernstig incident leidt tot een time-out met onmiddellijke ingang. Hierbij gelden de volgende voorwaarden:

  • De leerling wordt voor een (deel van de) dag de toegang tot de groep (niet tot de school)ontzegd. In specifieke gevallen kan besloten worden dat het kind een deel van de dag thuis blijft. 
  • De school neemt zo spoedig mogelijk contact op met de ouders om hen op de hoogte te brengen van hetincident en de time-out. 
  • Na de time-out volgt zo spoedig mogelijk (bij voorkeur dezelfde dag nog) een gesprek met de ouders van de leerling. Hierbij zijn de groepsleerkracht en de directeur aanwezig. Zij bespreken met de ouders het gedrag van de leerling, hoe wij daar thuis en op school mee om kunnen en wat de wederzijdse verwachtingen zijn. 
  • Het incident en het oudergesprek leggen we schriftelijk vast. Ouders ondertekenen dit document, dat wordt toegevoegd aan het dossier van de leerling. 
  • De time-out maatregel kan worden verlengd met één dag. Hierna kan de leerling worden geschorst voormaximaal één week.

2.   Schorsing

Wanneer dezelfde leerling betrokken raakt bij een (volgend) ernstig incident, kan hij of zij formeel geschorst worden. Schorsing houdt in dat de leerling tijdelijk geen toegang heeft tot de school. Binnen <maam school> hanteren wij dan de volgende voorwaarden:

De directeur van de school stelt het college van bestuur op de hoogte van het incident en doet hetvoorstel om de leerling te schorsen. Indien de veiligheid dit vereist, kan de directeur direct handelenen het college van bestuur achteraf informeren.

Waar ouders staat, kan ouders/verzorgers gelezen worden.
De directeur stelt (namens het college van bestuur) de ouders direct en schriftelijk op de hoogte van het besluit tot schorsing en nodigt hen uit voor een gesprek met de leerkracht en dedirecteur. Het doel van dit gesprek is om te komen tot een oplossing voor de ontstane situatie en omde (on)mogelijkheden tot opvang van de leerling te bespreken.
Ouders hebben de mogelijkheid hun zienswijze daarna zo nodig nog kenbaar te maken aan het College van Bestuur.

De schorsing geldt voor maximaal vijf dagen.

Tijdens de schorsing worden maatregelen getroffen om te voorkomen dat de leerlingachterstanden oploopt. De schorsing mag niet tot gevolg hebben dat de leerling bepaalde toetsen mist (Cito entreetoetsen of eindtoetsen). De directeur kan dan besluiten de leerling voor de duur vande toets toe te laten, dan wel (thuis) studiemateriaal beschikbaar te stellen.

Wanneer de schorsing langer dan één dag duurt, stelt de directeur de inspectie schriftelijk en metopgave van redenen in kennis van de schorsing. De directeur brengt ook de leerplichtambtenaarop de hoogte van de schorsing, met opgave van redenen.

Verwijdering

Alleen wanneer het niet anders kan, gaat de school over tot verwijdering van een leerling. Dit gebeurt wanneer zich (meermalen) een ernstig incident voordoet dat ingrijpende gevolgen heeft voor deveiligheid en/of de onderwijskundige voortgang van de school.

Een andere reden kan zijn dat school niet tegemoet kan komen aan de ondersteuningsbehoefte van een leerling. Binnen <naam school> hanteren we de volgende voorwaarden:

  • Iedere school heeft gedragsregels opgesteld die aangeven hoe met wangedrag wordt omgegaan en wanneer de kritische grens voor een verwijdering is overschreden.
  • Eerdere maatregelen om het wangedrag te voorkomen hebben gefaald (time- out, schorsing,gedragsafspraken).
  • Leerling en ouders zijn gewaarschuwd dat bij een eerstvolgende herhaling tot verwijdering wordt overgegaan
  • De beslissing om een leerling te verwijderen ligt bij het college van bestuur. Voorafgaand aanhet besluit wint het college van bestuur informatie in bij de directeur (die de betrokken leerkracht enouders gehoord heeft) en eventueel ook bij de inspectie.
  • Van de gesprekken met de directeur, de leerkracht en de ouders wordt een verslag gemaakt datdoor de ouders wordt ondertekend (tenminste voor gezien). Dit verslag wordt opgestuurd naar deleerplichtambtenaar en de inspectie van het onderwijs.
  • Een definitieve verwijdering kan pas plaatsvinden wanneer de directeur een andere basisschool ofschool voor speciaal onderwijs voor de leerling heeft gevonden. Tot die tijd blijft de leerling, voorzover mogelijk, de school bezoeken.
  • Indien de directeur een andere school bereid heeft gevonden de leerling toe te laten, gaat hetcollege van bestuur formeel over tot een verwijderingsbesluit. In dit besluit motiveert het collegevan bestuur, als bevoegd gezag, de grond voor verwijdering. Ook de datum van verwijdering en de nieuwe school worden vermeld. Ouders worden gewezen op de mogelijkheid om bezwaar aan te tekenen bij het bevoegd gezag.
  • Het bevoegd gezag is verplicht de ouders te horen over het bezwaarschrift en moet binnen vier weken na ontvangst eendefinitieve beslissing nemen over de verwijdering. Wanneer ouders het geschil hebben voorgelegd aan de geschillencommissie passend onderwijs, dient het bevoegd gezag eerst het oordeel van deze commissie af te wachten.

Dossiervorming

De schooldirecteur is verantwoordelijk voor het bijhouden van het dossier, waarin wordt opgenomen welke problemen zijn opgetreden, wat de school er aan gedaan heeft om ze op te lossen en om de verwijdering van de leerling te voorkomen. In het dossier bevindt zich - behoudens in het geval het daarmee beoogde doel daarmee niet (meer) bereikt kan worden - een afschrift van de schriftelijke waarschuwing van de school aan de (ouders van de) leerling waarbij gewezen wordt op mogelijke verwijdering als de aan de verwijdering ten grondslag liggende grond aanhoudt.

Tevens heeft de school afschriften van alle brieven die zijn aangegeven bij de procedure voor verwijdering.

 

Bron