Landelijke Dag tegen Pesten 19 april en Week tegen Pesten

Week tegen Pesten 2019 Thema: Wees een held, met elkaar

De Week Tegen Pesten 2019 is van 23 tot en met 27 september. Dit jaar is het thema: Wees een held, met elkaar. Iedereen die een positieve bijdrage levert aan de groep is een held: leraar én leerlingen. 

Wees een held, met elkaar

De Week Tegen Pesten 2019 heeft als thema Wees een held, met elkaar. Samenwerking met de hele groep staat centraal. Met elkaar zorg je voor een goede sfeer en ontstaat er minder behoefte om te pesten. Iedereen die een positieve bijdrage levert aan de groep is een held: leraar én leerlingen.

Iedereen die een positieve bijdrage levert aan de groep is een held: leraar én leerlingen. Daarom is dit jaar gekozen voor het thema Wees een held, met elkaar. Op deze pagina krijg je achtergrondinformatie bij dit thema. Wil je in de praktijk aan de slag met het thema? Kijk dan in september op de pagina Tools voor lesmaterialen en tips. In juni is de gratis campagneposter ‘Wij doen mee’ te bestellen.

Iedereen kan een held zijn

Hoe groter het aantal leerlingen is dat pesten afkeurt, hoe kleiner de kans op pesten in de klas. Dit ontstaat niet in elke groep vanzelf, als leraar kun je daarin sturen. Door met elkaar afspraken te maken, teambuildings activiteiten te doen met de groep, elkaar goed te leren kennen en door zelf het goede voorbeeld te geven. In een positieve groep is er minder behoefte om te pesten.

Door aan het begin van het schooljaar in te zetten op de normen en waarden en op samenwerking in de groep, ga je op een duurzame manier aan het werk om pesten aan te pakken. Leerlingen leren op die manier dat ook zij iets kunnen doen tegen pesten. Ook in kleine acties1 kunnen leerlingen laten zien dat ze pestgedrag afkeuren. Heldendaden hoeven niet groot te zijn. Door samenwerking in de groep, zorg je met elkaar voor een goede sfeer. Iedereen die hieraan een bijdrage levert is een held: leraar en leerlingen.

Pesten is groepsproces

Dat pesten een groepsproces is, is bekend. Voor een duurzame oplossing is het interessant om pesten niet alleen als een groepsproces te zien maar ook op die manier aan te pakken en op te lossen. Toch wordt de aanpak van pesten vaak gezocht in de relatie tussen de leerlingen om wie het draait: het slachtoffer en de dader(s). Uit onderzoek2 blijkt dat de andere leerlingen in de groep ertoe bijdragen dat het pesten in stand blijft of zelfs toeneemt. Als buitenstaanders niet ingrijpen bij pesten, stemmen ze impliciet in met het pesten. Daarmee spelen ze een grotere rol dan je in eerste instantie zou denken. Als veel leerlingen in de klas optreden tegen pesten, is het voor de daders minder relevant om door te gaan. Zij zullen dan eerder geneigd zijn om te stoppen met pesten

 

Elsje de Vries, MScDe oplossing voor pesten ligt bij de groep (vo)

Auteur Elsje de Vries, MSc
Promovenda Rijksuniversiteit Groningen.
Doet onderzoek naar een nieuw anti-pestprogramma voor het voortgezet onderwijs 
 

Onderzoek laat zien dat pesten aanpakken in het voortgezet onderwijs veel lastiger is dan in het basisonderwijs.

Waarom is dat zo ingewikkeld?

Bij pesten zijn er verschillende rollen die leerlingen kunnen innemen: pester, assistent, meeloper, buitenstaander, slachtoffer en verdediger. Dit laat zien dat pesten een groepsproces is en niet alleen een fenomeen tussen pesters en slachtoffers. De oplossing voor pesten ligt dus ook bij de groep als geheel. In het voortgezet onderwijs blijft het een grote uitdaging om invloed uit te kunnen oefenen op de groepsdynamiek. Dat heeft verschillende redenen.

Leerlingen in het voortgezet onderwijs komen allereerst op de leeftijd dat ze meer behoefte hebben aan autonomie en sociale status. Leeftijdsgenoten worden hierdoor belangrijker en de rol van volwassenen wordt juist minder belangrijk. Het is dus moeilijker voor docenten om het groepsproces te begeleiden. Leerlingen zoeken het liever zelf uit. Hierdoor verandert de groepsdynamiek.

Jongeren vertonen meer normoverschrijdend, antisociaal gedrag om te laten zien dat ze volwassen zijn. Voor docenten is het de uitdaging om dit gedrag niet de norm te laten zijn.

Daarnaast beïnvloeden jongeren elkaar sterk. Het is op de middelbare school makkelijker om gelijkgestemden te vinden die een sterk front vormen dat de groepsdynamiek niet ten goede komt.

Gedrag verandert in het voorgezet onderwijs, dat zie je ook terug ook bij pesten. Directe (zichtbare) vormen van pesten zoals slaan en uitschelden komen steeds minder voor. Indirecte (minder zichtbare) vormen van pesten, zoals buitensluiten en cyberpesten, juist meer. Deze vormen van pesten zijn complexer omdat leerlingen meerdere rollen kunnen vervullen.

Indirecte vormen van pesten nemen toe in het voortgezet onderwijs. Voor docenten is dit gedrag lastiger te signaleren.

De manier waarop middelbare scholen zijn georganiseerd maakt het ook ingewikkelder dan op de basisschool. Klassen in het voortgezet onderwijs wisselen vaak qua samenstelling, dat maakt het onduidelijk wat nou ‘de groep’ is. Daarnaast staan in het voortgezet onderwijs meerdere docenten voor de klas. Over het algemeen zijn meer vakinhoudelijk gericht en hebben ze minder aandacht hebben voor de groepsdynamiek. De meest aangewezen persoon voor het begeleiden van het groepsproces in het voortgezet onderwijs is de mentor. Maar deze is vaak beperkt ingeroosterd.

In het voortgezet onderwijs is de verantwoordelijkheid voor het begeleiden van de groepsdynamiek en het aanpakken van pestsituaties verdeeld over meerdere medewerkers. Het is onduidelijk wie de regie heeft of moet hebben.

In het voortgezet onderwijs blijft het voor docenten daarom een grote uitdaging om invloed uit te oefenen op de groepsdynamiek. De docent heeft handvatten nodig om, net als op basisscholen, van de klas weer een groep te kunnen maken. Mijn onderzoek richt zich hier de komende jaren op. Om alvast één handvat te bieden kunt u hieronder een werkvorm downloaden gericht op het verbeteren van de groepsdynamiek: de lijnoefening.

 
Tessa Kaufman

Auteur Tessa Kaufman
MSc.Promovenda Rijksuniversiteit Groningen
Doet onderzoek naar persistent slachtofferschap van pesten)

Om pesten op te lossen heb je de groep nodig (po)

“Pesten is geen probleem tussen twee individuen, maar heeft alles te maken met groepsdynamiek”

Maar hoe werkt groepsdynamiek en welke behoeftes gaan daaronder schuil? Door als leerkracht daarvan kennis te hebben helpt het je om kinderen samen het pesten te laten aanpakken. In deze blog deel ik kennis uit onderzoeken en geef ik tot slot wat tips.

Wie groepsgedrag wil begrijpen, kan het beste een tijdje (letterlijk) “aapjes kijken”. Apen gedragen zich, net als mensen, op twee manieren. Ze zitten ten eerste dicht bij elkaar en zorgen voor elkaar (affectie), maar er heerst ondertussen ook voortdurende strijd om populariteit (status): denk aan de bekende apen op de apenrots.

Die twee gedragingen noemen we horizontale (affectie) en verticale (status) relaties. Die relaties zijn voortdurend met elkaar in interactie en dat heet groepsdynamiek. Pesters willen hun status verhogen door op de figuurlijke apenrots omhoog te klimmen. Ze blijven ondertussen ook zoeken naar affectie van hun vrienden. Klasgenoten krijgen affectie van het slachtoffer wanneer ze hem of haar helpen, maar verliezen daarmee soms wel hun status.

Groepsdynamiek zit diepgeworteld in onze natuur: het komt voort uit twee fundamentele behoeften die ons vroeger hielpen te overleven. We willen affectie, dus erbij horen en verzorgd worden, maar ook uitblinken: de strijd winnen. Die behoeften zijn zo sterk, dat hersenscans zelfs laten zien dat als mensen sociale pijn hebben door bijvoorbeeld afwijzing of buitensluiting, dezelfde hersengebieden actief zijn als bij het voelen van fysieke pijn.

“Gepest worden door buitensluiten doet dus écht pijn”

Kunnen we pesten dan wel aanpakken zonder onze genen of hersenstructuur te veranderen?
In groepen bestaat vaak een ongeschreven regel (“norm”) dat pesten stoer is. Door ervoor te zorgen dat de groep het stoerder gaat vinden om elkaar te helpen dan om te pesten, hebben pesters minder reden om te pesten. Ze krijgen er dan geen status of affectie meer. Door elkaar te helpen krijgen ze dat wel.

Zo’n klimaat kunnen we bereiken door te werken aan de groepsdynamiek en de onderliggende norm in de groep. Hieronder staan een paar tips voor leerkrachten. De leerkracht doet dit niet alleen, maar met de groep.

“Om te pesten heb je de groep nodig, om het op te lossen ook!”


Tips voor leerkrachten om aan een fijne groep te werken

  • Werk preventief aan een positieve groepsnorm. Start het schooljaar door samen met de groep afspraken te maken over hoe je met elkaar omgaat en hang die afspraken zichtbaar op in de klas. Regels zoals “Wij komen voor elkaar op” en “We stoppen pesten” kunnen de norm al beïnvloeden.
  • Als leerkracht ben je het rolmodel en geef je tegelijkertijd de groep ook verantwoordelijkheid. Handel consistent naar de afspraken die je samen hebt gemaakt. Daarin ligt de nadruk niet op het straffen van pesters, maar op samen praten over wat er wel en nog niet goed gaat. Hoe kan de groep verantwoordelijkheid nemen om problemen op te lossen? Jullie hebben samen de afspraken gemaakt, dus kunnen ook samen naar handelen.
  • Werk structureel aan monitoring van het klassenklimaat. Daarmee check je je eigen observaties, want groepsgedrag vindt vaak plaats buiten je zicht. De monitor geeft zicht op wat er misgaat in de klas (pesten), maar ook wat er goed gaat (wie helpen elkaar?). Ook kan de monitor je helpen om te reflecteren op je handelingen: werkte mijn aanpak, is de sfeer verbeterd? Zo blijf je structureel werken aan een veilig groepsklimaat.

 

Bron Stichting School & Veiligheid (Pestweb)


1 In deze TEDx talk vertelt Kris van der Veen wat een kleine actie al kan doen tegen pesten.

2 In het artikel Pesten als groepsproces van Gijs Huitsing, Matty van der Meulen en René Veenstra lees je meer over de rol van de groep.

 

Stop Pesten Nu Held, wat kan ik doen?

Jij kan ook een 'Stop Pesten Nu Held' zijn. Gewoon door het verschil te maken en te zeggen: Stop Pesten Nu! net als al deze Bekende Nederlanders en Ambassadeurs die het oranje 'Ik STOP pesten nu' armbandje dragen. Pesten is te stoppen en het begint bij jou en mij.

Wat kan je doen als Stop Pesten Nu Held?

Als jij zegt: Ik STOP pesten nu! dan betekent dit niet dat je er altijd tussen moet springen. Het is altijd van belang dat je eerst kijkt of het veilig is om te reageren. Is het niet veilig, probeer dan hulp te zoeken of halen (ouders, opvoeders, vrienden, collega's) of houdt het slachtoffer in de gaten en vang hem/haar op zodra je kunt. Een kleine glimlach, een helpende hand betekent zoveel voor een slachtoffer, je voelt je dan niet helemaal alleen meer staan. Ookal is het probleem dan nog niet direct opgelost, het is dan in ieder geval een klein begin. Een begin naar een oplossing waar pesten wordt gestopt. Jij kan het verschil maken. Dus kom in actie en zeg tegen jezelf: Ik STOP pesten nu! 

Ik twijfel soms is het pesten ja of nee? 
Het antwoord is simpel ... voelt het goed wat je ziet? Of niet?

Ik twijfel ja/nee ...
Je twijfelt doordat je van binnen een onprettig gevoel krijgt, je ziet dingen waarvan je denkt dit vind ik niet leuk of dit ziet er niet fijn uit. Daar komt onze twijfel vandaan, wij vragen ons op dat moment af klopt het wat er gebeurd. Eigenlijk alleen al het feit dat wij hierover twijfelen zegt ons dan dat wij iets signaleren wat wij niet fijn vinden en als je iets niet fijn vindt dan is het antwoord: ja dit is pesten

Want als iedereen het nu leuk zou vinden en iedereen geniet, en om de beurt maken jullie grappen over elkaar dan voelt de sfeer en alles goed en voelt alles fijn en dan is het plagen.

Als ik het grappig bedoel, is dit dan pesten?
De ontvanger bepaalt of het plagen of pesten is. Dus ook al zou ik iets nog zo grappig hebben bedoeld als diegene waar ik dit tegen zeg dit niet leuk vindt dan heb ik hem of haar gepest.

Ik STOP pesten nu armband bestellen - bandje tegen pestenPeter Aerts, Afrojack, Sander Boschker, Armin van Buuren, Edwin Evers, Angela Groothuizen, Bennie Jolink, Frans Timmermans en nog vele andere bekende Nederlanders vinden ook dat pesten moet stoppen en zeggen: Ik STOP pesten nu! 

Durf jij het ook net als alle BN'ers pesten te stoppen? Kom in actie en zeg: Ik STOP pesten nu! Wat doe jij? 

Laat zien dat jij een 'Stop Pesten Nu Held' bent door in actie te komen:

Kom ook in actie! Laat zien dat jij ook tegen pesten bent! Stuur campagne/actie/foto naar ons op (posters, gedicht, foto's, youtube, tekening, verhaal en nog veel meer) en misschien nemen wij jou actieproduct in onze Landelijke Campagne op. Onze Redactie kan je het beste per mail bereiken op redactie@stoppestennu.nl en de Ik STOP pesten nu armbanden zijn hier te bestellen.

Suggesties voor acties tegen pesten voor de Stop Pesten Nu Helden

Behandel iedereen met respect! 

  • Stop & denk na voordat je zegt of doet iets dat iemand zou kunnen kwetsen.
  • Voordat je iets zegt kan je aan jezelf vragen: Hoe zou ik het vinden als iemand dit tegen mij of mijn beste vriend/vriendin zegt? Als jij of jouw vriend/vriendin dit niet leuk zouden vinden dan weet je zeker dat iemand anders dit ook niet leuk vindt.
  • Wees aardig voor elkaar
  • Als je niks aardigs weet te zeggen, zeg dan liever niks
  • Als je merkt dat jij gemeen wil gaan doen naar iemand, zorg voor leuke afleiding bij jezelf: Een spelletje spelen, TV kijken, of praten met een vriend.
  • Praat met een volwassene die jij vertrouwt. Vraag hulp om op leuke manieren vrienden te maken of anderen te helpen.
  • Iedereen is anders. Niemand is beter of slechter, gewoon anders.
  • Als je denkt dat je iemand in het verleden hebt gepest biedt dan je excuses aan. Hierdoor gaat gaat de pijn van de ander niet weg maar het is wel fijn om te horen als je pester nu snapt dat het niet goed was om je te pesten.
  • Voor een pestkop is dit goed om te weten: Als je iemand pest dan zegt dit alleen iets over jou! "Wie/wat je pest ben je zelf". Het zegt nooit iets over diegene die jij pest. 

Wij zeggen 'Stop Pesten Nu'! Wat doe jij?

  • Jij hebt de keuze om te stoppen met pesten.
  • Jij hebt de keuze niet mee te lopen.
  • Jij hebt de keuze door er iets van te zeggen als je het ziet gebeuren.
  • Jij hebt de keuze om iemand te helpen die gepest wordt.
  • Jij hebt de keuze om in te grijpen als je ziet dat het gaat om een situatie om meerdere personen/kinderen tegen één zijn.
  • Jij hebt de keuze als je iemand in de pauzes altijd alleen ziet zitten door erbij te gaan zitten, met hem of haar te gaan praten of in gesprek te gaan.
  • Jij hebt de keuze om andere kinderen/personen te laten zien dat het echt niet cool is om te pesten.
  • Jij hebt de keuze door niet langer weg te kijken als je ziet dat er gepest wordt.
  • Jij hebt de keuze te melden dat iemand in jouw team/klas gepest wordt en hulp voor die persoon te zoeken.

Kortom ...

Jij hebt de keuze

Wij vinden het leuk als jouw actie, jouw inzending ook laat zien dat pesten moet stoppen en dat jij op jouw eigen manier hier het verschil in wil maken. 

Naast de diverse win acties tegen pesten selecteert onze Redactie regelmatig inzendingen die op onze website worden geplaatst en op al onze social media. Wij vinden het namelijk helemaal super dat jij je inzet tegen pesten en zijn daarom ook mega trots op jou! Wij vinden het super als jij iets hebt gemaakt tegen pesten. Dit verdient een ereplek bij ons op de site.

Stop Pesten NU! voert al jaren campagne om het pestprobleem op de kaart te zetten. Voor les suggesties (lesideeën tegen pesten) voor o.a. de Week tegen Pesten en de Landelijke Dag tegen Pesten kijk in ons overzicht met werkvormen speciaal voor u geselecteerd, meer dan 180 les suggesties / lesideeën tegen pesten

Naast de diverse win acties tegen pesten selecteert onze Redactie regelmatig inzendingen die op onze website worden geplaatst en op al onze social media. Wij vinden het namelijk helemaal super dat jij je inzet tegen pesten en zijn daarom ook mega trots op jou! Wij vinden het super als jij iets hebt gemaakt tegen pesten. Dit verdient een ereplek bij ons op de site. Heb jij bijvoorbeeld een:

 

Week tegen Pesten 4e week van september en Landelijke Dag tegen Pesten 19 april

Zoals de wetenschappelijke onderzoeken laten zien wordt ons pestgedrag alleen maar erger naar mate we ouder worden. Laten wij verantwoordelijkheid voor onszelf, onze eigen acties nemen en de wereld leuk en gezellig maken voor jou en voor iedereen om jou heen. Als leeftijdsgenoten, ookwel de PEER pressure groep genoemd, ingrijpen bij pesten dan stopt het pesten binnen 10 seconden volgens Canadees onderzoek.

  • Op scholen worden 2 tot 3 leerlingen per klas gepest (1 op de 10)  zowel op basisscholen, middelbaar onderwijs, Hoger onderwijs en Universiteiten.
  • Op het werk worden jaarlijks 500.000 medewerkers gepest (1 op de 8)
  • In het bejaardentehuis wordt 20% van de bewoners door medebewoners gepest (1 op de 5 bejaarden)
  • In de sport wordt in ieder team minstens 1 á 2 leden gepest (op basis van CBS-cijfers wordt geschat dat gemiddeld 1 op de 10 van de spelers)
  • 400.000 jongeren jaarlijks online gepest (1 op de 5)

Pesten een kleuterding? Niet volgens de feiten en cijfers!

Noteer deze datum en besteedt extra aandacht aan het stoppen van pesten & online pesten (cyberpesten)

Natuurlijk is het nodig om elke dag bewust pesten te stoppen maar 1 keer per jaar staan wij even bewust stil bij pesten en de gevolgen van pesten voor zowel de slachtoffers, pestkoppen, meelopers en omstanders. Voor iedereen heeft pesten gevolgen!

De helft van de cyberpesters zit op dezelfde school als zijn of haar slachtoffer”, zegt Denis Wegge van de Universiteit Antwerpen. Lees verder >>

De Dag tegen Pesten wil bewustzijn creëren: 'Pesten is een groepsprobleem'

Op de Dag tegen Pesten is er – in tegenstelling tot veel andere Dagen van, Dagen tegen of Dagen voor het een of ander – niet één groot centraal evenement met muziek, optredens van BN’ers en speeches van betrokken politici. Dat is een bewuste keuze, vertelt Patricia Bolwerk, directeur van Stop Pesten NU en verantwoordelijk voor het “aanslingeren” van de Dag tegen Pesten. “We proberen te bereiken dat mensen zelf in actie komen om pesten te stoppen, dat ze zelf iets organiseren in hun eigen omgeving. De Dag tegen Pesten is vooral bedoeld om één dag per jaar extra bewustzijn te creëren.”

Pesten is niet alleen een kinderprobleem

Dat gepest worden niet leuk is, weten de meeste mensen wel, vaak ook uit eigen ervaring. Toch is dat blijkbaar niet genoeg reden om het niet te doen, want pesten is alomtegenwoordig en komt zelfs steeds vaker voor naarmate we ouder worden. Volgens op wetenschappelijk onderzoek gebaseerde cijfers op de website van Stop Pesten NU worden op scholen één op de tien leerlingen gepest, op het werk één op de acht werknemers, en in bejaardentehuizen zelfs één op de vijf bewoners. Onderzoeksinstituut TNO becijferde in 2015 bovendien dat pesten op het werk de samenleving jaarlijks 900 miljoen kost, in de vorm van vier miljoen extra verzuimdagen. Dat pesten alleen onder kinderen gebeurt, is dus een misverstand.

Patricia Bolwerk: “Vroeger werd altijd gezegd dat pesten een kleuterding is, dat je daar als volwassene mee om hoort te kunnen gaan; heel veel mensen zijn met dat idee opgegroeid. Met als gevolg dat veel mensen die gepest worden en daar last van hebben, denken: ligt het dan aan mij, ben ik zo gevoelig?”

Bolwerk ziet in haar praktijk als coach en trainer zeker dat extra gevoelige – oftewel ‘hoogsensitieve’ – mensen ook gevoeliger kunnen zijn voor pesten. Toch is het wijdverbreide idee dat mensen die gepest worden altijd onzeker en niet weerbaar zijn volgens haar een fabeltje. Het probleem is namelijk dat pesten altijd plaatsvindt in een ongelijke situatie, van meer tegen één, leraar tegen leerling, of leidinggevende tegen werknemer. “Juist die ongelijke macht maakt het zo moeilijk om pesten in je eentje te stoppen.”

Leren omgaan met pesten

Pesten komt dus voor op scholen, op de werkvloer, binnen sportclubs en bejaardentehuizen, eigenlijk overal waar groepen mensen elkaar tegenkomen. Grenzen worden verkend, verlegd en overschreden. Hoewel pesten dus geenszins is voorbehouden aan kinderen, is de school vaak wel een van de eerste plaatsen waar mensen structureel met pesten in aanraking komen. En dus ook de plaats waar ze zouden kunnen leren om ermee om te gaan. Marije van de Sande, adviseur pesten bij stichting School & Veiligheid: “Het is goed om kinderen te leren hoe dat werkt. Het mag best schuren, maar er zijn ook veel situaties waarin het escaleert en kinderen stelselmatig worden gepest; dat is niet acceptabel.”

Als adviseur ondersteunt Van de Sande scholen bij het bevorderen van sociale veiligheid en sociaal gedrag en het tegengaan van grensoverschrijdend en ongewenst gedrag, waar volgens de website van School & Veiligheid onder meer pesten, agressie, geweld, discriminatie, racisme en seksuele intimidatie onder vallen. Maar wanneer is iets nu pesten, en wanneer agressie? Is daar een onderscheid in te maken? Van de Sande: “Het is soms heel lastig te bepalen waar de scheidslijn ligt, en in de praktijk is dat ook niet heel relevant. Het gaat erom dat je ziet, herkent en erkent dat er iets gebeurt dat over een grens heengaat, en dan ingrijpt.”

Verschil tussen pesten en plagen

Scholenadviseur Van de Sande en Stop Pesten NU-directeur Bolwerk hanteren allebei een helder onderscheid tussen plagen en pesten. Dat komt neer op de volgende zes kenmerken: plagen is kortdurend, pesten gebeurt langdurig (maandenlang) en regelmatig (meerdere keren per week); plagen vindt plaats op voet van gelijkwaardigheid, bij pesten is de pestkop de baas; plagen gaat heen en weer, pesten gaat altijd één kant op, met meestal hetzelfde slachtoffer; plagen is voor de lol, pesten is gemeen bedoeld; bij plagen kan je het zeggen als je het niet leuk vindt, pesten is moeilijker te stoppen; en plagen is doorgaans voor iedereen leuk, terwijl pesten voor het slachtoffer zeker niet leuk is. Maar zoals dit lijstje al laat zien; veel is afhankelijk van persoonlijke interpretatie – wat de een als plagen bedoelt, kan de ander als pesten ervaren. Marije van de Sande: “Het gaat er altijd om hoe degene die het ondergaat het ervaart. Het is niet aan een ander om te zeggen dat het wel meevalt.”

Een bijkomend probleem bij pesten is dat slachtoffers soms ontkennen dat ze gepest worden. Of ze laten niet merken dat ze het pestgedrag vervelend vinden. Patricia Bolwerk komt dat regelmatig tegen in haar praktijk als coach en trainer. Bijvoorbeeld bij een bedrijf waar zij was ingehuurd om iets te doen aan de verziekte sfeer: “Daar werd voor één iemand geen koffie gehaald, maar toen ik hem vroeg hoe het kwam dat hij geen drinken had, zei hij dat hij geen dorst had. Daardoor kon ik niks doen. Gepesten moeten het ook aangeven dat ze iets niet leuk vinden, anders kan je het ook niet goed voor ze opnemen.”

Veel slachtoffers, weinig daders?

Er is doorgaans veel aandacht voor slachtoffers van pesten. Terecht, want zij ondervinden soms levenslange schade van pesten. In 2014 kwamen onderzoekers van de Universiteit Leiden zelfs tot de conclusie dat pesten een risicofactor is voor zelfdoding – en in het bijzonder cyberpesten, omdat dat niet ophoudt als je thuis bent. Patricia Bolwerk: “Cyberpesten is veel laagdrempeliger, dat zeggen leerlingen zelf ook: je hoeft iemand niet in zijn gezicht aan te kijken en te zien wat voor verdriet je iemand daarmee doet.”

Hoe groot de gevolgen van pesten kunnen zijn, blijkt bijvoorbeeld uit het in de media breed uitgemeten verhaal van de 15-jarige Limburgse jongen Tharukshan Selvam, die in 2017 naar verluidt door pesten overging tot zelfdoding. Marije van de Sande kent dat soort verhalen, maar wil geen uitspraken doen over specifieke voorbeelden. “We proberen daar heel voorzichtig in te zijn, omdat je nooit weet wat er nog meer speelt, in gezin, karakter of aanleg. Maar het kan wel degelijk zo zijn dat pesten het laatste zetje geeft.”

De verhalen van de daders, de pestkoppen, worden veel minder vaak belicht in de media. Terwijl er toch veel pesters zouden moeten rondlopen, afgaande op het aantal slachtoffers. Patricia Bolwerk merkt het ook op ouderavonden; toegeven dat je pest (of dat je zoon of dochter dat doet) is een taboe: “Als ik vraag wie er een kind heeft dat weleens gepest is gaan er altijd wel een paar handen omhoog. Maar als ik vraag, en wie heeft een pester, dan is dat misschien één op de vijftig.”

Pesters willen niet per se pesten

Zowel Bolwerk als Marije van de Sande pleiten er dan ook voor om pesten bespreekbaarder te maken, ook voor pesters. Beide experts zijn het erover eens dat pesten geen individueel probleem is, een verhaal van één gemene pestkop waar iets aan gedaan moet worden, maar altijd binnen de context van een groep gezien moet worden. Van de Sande: “Pesten is een groepsprobleem: binnen de groep is iets aan de hand waardoor iemand behoefte voelt om te pesten, een pester voelt zichzelf niet veilig. Pesters zitten er vaak helemaal niet op te wachten om iemand te pesten.”

Patricia Bolwerk ziet groepsdruk als de allergrootste factor bij pesten; mensen – en zeker kinderen – doen veel om bij de ‘coole groep’ te horen. Ook op het werk kan dat spelen, zelfs bij leidinggevenden. “Er zijn best wat managers die graag populair willen zijn bij hun team, en die daarom pesten. Iemand negeren, standaard niet reageren op mailtjes, altijd pas op het laatste moment laten weten of een vakantieaanvraag wordt goedgekeurd, mensen in onzekerheid houden over hun contractverlenging; de verschijningsvorm verschilt van de lagere school, maar de motieven zijn hetzelfde.”

Waarom pesten mensen?

Wat die motieven dan precies zijn? Het Hollywoodverhaal waarin een pester altijd eigenlijk zelf bang en onzeker is, is volgens beide experts niet uit de lucht gegrepen. Pesten is een negatieve manier van aandacht vragen, vaak vanuit een gebrek aan zelfvertrouwen. Het is een manier voor de pester om zichzelf staande te houden in een groep. Niet voor niets gaan slachtoffers van pesten later vaak zelf ook pesten. Patricia Bolwerk: “Proactief pesten is dat; als ik het zelf doe weet ik in ieder geval dat ík niet de pineut ben. Als je helemaal happy bent van binnen en buiten dan heb je pesten niet nodig.”

Marije van de Sande merkt op dat de rol van pester niet vastligt. Soms is iemand in de ene groep een pester, in de andere groep een gepeste, en in een derde groep alleen maar een omstander. Het is een complex groepsgebeuren, waar weinig eenduidigs over te zeggen valt. Wel wijst ze op een artikel waarin pesten in verband wordt gebracht met een tekort aan een van de drie psychologische basisbehoeftes: relatie (ik hoor erbij), autonomie (ik mag zijn wie ik ben) en competentie (ik kan wat). “Het lijkt erop dat pesten een manier is om aan die behoeftes te voldoen, omdat het een bepaalde status geeft. Pesters zijn vaak populair, maar niet per se geliefd.”

Hoe pak je pesten aan?

Pestprotocollen, posters met gedragsregels aan de muur, of als slachtoffer zelf terugvechten tegen een pestkop; wat is nu de beste manier om pesten te stoppen? Marije van de Sande is gewend die vraag te krijgen van leraren, en ze benadrukt altijd dat er voor pesten niet zoiets bestaat als een ‘quick fix’: “Er is niet één antipestmethode die altijd werkt. Wat belangrijk is, is dat leerlingen erop kunnen vertrouwen dat ze ook fouten mogen maken. En daarnaast, dat je als school hele duidelijke afspraken maakt, en die ook handhaaft. Dat leerlingen weten: als ik dít flik is dát de consequentie.”

Ook Patricia Bolwerk benadrukt nogmaals dat het belangrijk is om pesten in de groep oplossen, het liefst zelfs dóór de groep. Als een groep zelf alert is op pesten, is ingrijpen van een leraar of leidinggevende niet nodig. En dat is ook goed, want pesten gebeurt immers vaak buiten het zicht. “Onderzoek laat zien dat als een peer group ingrijpt, pesten binnen tien seconden afgelopen kan zijn. Daarom is het zo belangrijk om de hele groep bewust te maken, dan zijn we zo veel sneller dan alle pestprotocollen bij elkaar. De groep zelf staat er altijd met de neus bovenop.”

© Nationale Onderwijsgids / Harmen van der Meulen

 

Noteer deze data en besteedt extra aandacht aan het stoppen van #pesten met je klas of team, bij je collega's, in de sport of in het bejaardentehuis.

 

Wilt u tips of inspiratie opdoen om met je klas online pesten (cyberpesten) of pesten bespreekbaar te maken kijk dan bij de (gratis) lessuggesties of neem een kijkje in ons downloadcentrum voor stop pesten nu posters?

Natuurlijk is het nodig om elke dag bewust pesten te stoppen maar 1 keer per jaar staan wij even bewust stil bij pesten en de gevolgen van pesten voor zowel de slachtoffers, pestkoppen, meelopers en omstanders.

Pesten heeft voor IEDEREEN gevolgen. Samen kunnen wij het verschil maken, zeg ook: Ik STOP pesten nu!

Zoals de wetenschappelijke onderzoeken laten zien wordt ons pestgedrag alleen maar erger naar mate we ouder worden. Laten wij verantwoordelijkheid voor onszelf, onze eigen acties nemen en de wereld leuk en gezellig maken voor jou en voor iedereen om jou heen. 

  • Op scholen wordt 1:10 leerlingen gepest
  • Op het werk 1:8
  • In het bejaardentehuis 1:5

Heel veel mensen zeggen pesten is een "kleuterding"?! Helaas laten de wetenschappelijke onderzoeken ons anders zien.

Wat is het verschil tussen plagen en pesten?.

Wat is nou dat 'grijze gebied' of hebben wij alleen maar een plaagcultuur? Is dit zo? Is het voor iedereen plagen? Na onze voorlichtingen heeft u deze inzichten en kunnen wij u helpen om het pesten aan te pakken oa door bedrijfs-/school adviezen op maat, individuele coaching, groepscoaching en meer.

 

Meer informatie:

Bij ons aanbod kunt u hier meer informatie over vinden. Al onze diensten worden op maat gemaakt voor uw organisatie. ? Neem dan geheel vrijblijvend contact met ons op voor de mogelijkheden.

 

 

 
 
 
 
 
 

Zoals de wetenschappelijke onderzoeken laten zien wordt ons pestgedrag alleen maar erger naar mate we ouder worden. Laten wij verantwoordelijkheid voor onszelf, onze eigen acties nemen en de wereld leuk en gezellig maken voor jou en voor iedereen om jou heen. Als leeftijdsgenoten, ookwel de PEER pressure groep genoemd, ingrijpen bij pesten dan stopt het pesten binnen 10 seconden volgens Canadees onderzoek.

  • Op scholen worden 2 tot 3 leerlingen per klas gepest (1 op de 10)  zowel op basisscholen, middelbaar onderwijs, Hoger onderwijs en Universiteiten.
  • Op het werk worden jaarlijks 500.000 medewerkers gepest (1 op de 8)
  • In het bejaardentehuis wordt 20% van de bewoners door medebewoners gepest (1 op de 5 bejaarden)
  • In de sport wordt in ieder team minstens 1 á 2 leden gepest (op basis van CBS-cijfers wordt geschat dat gemiddeld 1 op de 10 van de spelers)
  • 400.000 jongeren jaarlijks online gepest (1 op de 5)

Pesten een kleuterding? Niet volgens de feiten en cijfers!

Noteer deze datum en besteedt extra aandacht aan het stoppen van pesten & online pesten (cyberpesten)

Natuurlijk is het nodig om elke dag bewust pesten te stoppen maar 1 keer per jaar staan wij even bewust stil bij pesten en de gevolgen van pesten voor zowel de slachtoffers, pestkoppen, meelopers en omstanders. Voor iedereen heeft pesten gevolgen!

De helft van de cyberpesters zit op dezelfde school als zijn of haar slachtoffer”, zegt Denis Wegge van de Universiteit Antwerpen. Lees verder >>

De Dag tegen Pesten wil bewustzijn creëren: 'Pesten is een groepsprobleem'

Op de Dag tegen Pesten is er – in tegenstelling tot veel andere Dagen van, Dagen tegen of Dagen voor het een of ander – niet één groot centraal evenement met muziek, optredens van BN’ers en speeches van betrokken politici. Dat is een bewuste keuze, vertelt Patricia Bolwerk, directeur van Stop Pesten NU en verantwoordelijk voor het “aanslingeren” van de Dag tegen Pesten. “We proberen te bereiken dat mensen zelf in actie komen om pesten te stoppen, dat ze zelf iets organiseren in hun eigen omgeving. De Dag tegen Pesten is vooral bedoeld om één dag per jaar extra bewustzijn te creëren.”

Pesten is niet alleen een kinderprobleem

Dat gepest worden niet leuk is, weten de meeste mensen wel, vaak ook uit eigen ervaring. Toch is dat blijkbaar niet genoeg reden om het niet te doen, want pesten is alomtegenwoordig en komt zelfs steeds vaker voor naarmate we ouder worden. Volgens op wetenschappelijk onderzoek gebaseerde cijfers op de website van Stop Pesten NU worden op scholen één op de tien leerlingen gepest, op het werk één op de acht werknemers, en in bejaardentehuizen zelfs één op de vijf bewoners. Onderzoeksinstituut TNO becijferde in 2015 bovendien dat pesten op het werk de samenleving jaarlijks 900 miljoen kost, in de vorm van vier miljoen extra verzuimdagen. Dat pesten alleen onder kinderen gebeurt, is dus een misverstand.

Patricia Bolwerk: “Vroeger werd altijd gezegd dat pesten een kleuterding is, dat je daar als volwassene mee om hoort te kunnen gaan; heel veel mensen zijn met dat idee opgegroeid. Met als gevolg dat veel mensen die gepest worden en daar last van hebben, denken: ligt het dan aan mij, ben ik zo gevoelig?”

Bolwerk ziet in haar praktijk als coach en trainer zeker dat extra gevoelige – oftewel ‘hoogsensitieve’ – mensen ook gevoeliger kunnen zijn voor pesten. Toch is het wijdverbreide idee dat mensen die gepest worden altijd onzeker en niet weerbaar zijn volgens haar een fabeltje. Het probleem is namelijk dat pesten altijd plaatsvindt in een ongelijke situatie, van meer tegen één, leraar tegen leerling, of leidinggevende tegen werknemer. “Juist die ongelijke macht maakt het zo moeilijk om pesten in je eentje te stoppen.”

Leren omgaan met pesten

Pesten komt dus voor op scholen, op de werkvloer, binnen sportclubs en bejaardentehuizen, eigenlijk overal waar groepen mensen elkaar tegenkomen. Grenzen worden verkend, verlegd en overschreden. Hoewel pesten dus geenszins is voorbehouden aan kinderen, is de school vaak wel een van de eerste plaatsen waar mensen structureel met pesten in aanraking komen. En dus ook de plaats waar ze zouden kunnen leren om ermee om te gaan. Marije van de Sande, adviseur pesten bij stichting School & Veiligheid: “Het is goed om kinderen te leren hoe dat werkt. Het mag best schuren, maar er zijn ook veel situaties waarin het escaleert en kinderen stelselmatig worden gepest; dat is niet acceptabel.”

Als adviseur ondersteunt Van de Sande scholen bij het bevorderen van sociale veiligheid en sociaal gedrag en het tegengaan van grensoverschrijdend en ongewenst gedrag, waar volgens de website van School & Veiligheid onder meer pesten, agressie, geweld, discriminatie, racisme en seksuele intimidatie onder vallen. Maar wanneer is iets nu pesten, en wanneer agressie? Is daar een onderscheid in te maken? Van de Sande: “Het is soms heel lastig te bepalen waar de scheidslijn ligt, en in de praktijk is dat ook niet heel relevant. Het gaat erom dat je ziet, herkent en erkent dat er iets gebeurt dat over een grens heengaat, en dan ingrijpt.”

Verschil tussen pesten en plagen

Scholenadviseur Van de Sande en Stop Pesten NU-directeur Bolwerk hanteren allebei een helder onderscheid tussen plagen en pesten. Dat komt neer op de volgende zes kenmerken: plagen is kortdurend, pesten gebeurt langdurig (maandenlang) en regelmatig (meerdere keren per week); plagen vindt plaats op voet van gelijkwaardigheid, bij pesten is de pestkop de baas; plagen gaat heen en weer, pesten gaat altijd één kant op, met meestal hetzelfde slachtoffer; plagen is voor de lol, pesten is gemeen bedoeld; bij plagen kan je het zeggen als je het niet leuk vindt, pesten is moeilijker te stoppen; en plagen is doorgaans voor iedereen leuk, terwijl pesten voor het slachtoffer zeker niet leuk is. Maar zoals dit lijstje al laat zien; veel is afhankelijk van persoonlijke interpretatie – wat de een als plagen bedoelt, kan de ander als pesten ervaren. Marije van de Sande: “Het gaat er altijd om hoe degene die het ondergaat het ervaart. Het is niet aan een ander om te zeggen dat het wel meevalt.”

Een bijkomend probleem bij pesten is dat slachtoffers soms ontkennen dat ze gepest worden. Of ze laten niet merken dat ze het pestgedrag vervelend vinden. Patricia Bolwerk komt dat regelmatig tegen in haar praktijk als coach en trainer. Bijvoorbeeld bij een bedrijf waar zij was ingehuurd om iets te doen aan de verziekte sfeer: “Daar werd voor één iemand geen koffie gehaald, maar toen ik hem vroeg hoe het kwam dat hij geen drinken had, zei hij dat hij geen dorst had. Daardoor kon ik niks doen. Gepesten moeten het ook aangeven dat ze iets niet leuk vinden, anders kan je het ook niet goed voor ze opnemen.”

Veel slachtoffers, weinig daders?

Er is doorgaans veel aandacht voor slachtoffers van pesten. Terecht, want zij ondervinden soms levenslange schade van pesten. In 2014 kwamen onderzoekers van de Universiteit Leiden zelfs tot de conclusie dat pesten een risicofactor is voor zelfdoding – en in het bijzonder cyberpesten, omdat dat niet ophoudt als je thuis bent. Patricia Bolwerk: “Cyberpesten is veel laagdrempeliger, dat zeggen leerlingen zelf ook: je hoeft iemand niet in zijn gezicht aan te kijken en te zien wat voor verdriet je iemand daarmee doet.”

Hoe groot de gevolgen van pesten kunnen zijn, blijkt bijvoorbeeld uit het in de media breed uitgemeten verhaal van de 15-jarige Limburgse jongen Tharukshan Selvam, die in 2017 naar verluidt door pesten overging tot zelfdoding. Marije van de Sande kent dat soort verhalen, maar wil geen uitspraken doen over specifieke voorbeelden. “We proberen daar heel voorzichtig in te zijn, omdat je nooit weet wat er nog meer speelt, in gezin, karakter of aanleg. Maar het kan wel degelijk zo zijn dat pesten het laatste zetje geeft.”

De verhalen van de daders, de pestkoppen, worden veel minder vaak belicht in de media. Terwijl er toch veel pesters zouden moeten rondlopen, afgaande op het aantal slachtoffers. Patricia Bolwerk merkt het ook op ouderavonden; toegeven dat je pest (of dat je zoon of dochter dat doet) is een taboe: “Als ik vraag wie er een kind heeft dat weleens gepest is gaan er altijd wel een paar handen omhoog. Maar als ik vraag, en wie heeft een pester, dan is dat misschien één op de vijftig.”

Pesters willen niet per se pesten

Zowel Bolwerk als Marije van de Sande pleiten er dan ook voor om pesten bespreekbaarder te maken, ook voor pesters. Beide experts zijn het erover eens dat pesten geen individueel probleem is, een verhaal van één gemene pestkop waar iets aan gedaan moet worden, maar altijd binnen de context van een groep gezien moet worden. Van de Sande: “Pesten is een groepsprobleem: binnen de groep is iets aan de hand waardoor iemand behoefte voelt om te pesten, een pester voelt zichzelf niet veilig. Pesters zitten er vaak helemaal niet op te wachten om iemand te pesten.”

Patricia Bolwerk ziet groepsdruk als de allergrootste factor bij pesten; mensen – en zeker kinderen – doen veel om bij de ‘coole groep’ te horen. Ook op het werk kan dat spelen, zelfs bij leidinggevenden. “Er zijn best wat managers die graag populair willen zijn bij hun team, en die daarom pesten. Iemand negeren, standaard niet reageren op mailtjes, altijd pas op het laatste moment laten weten of een vakantieaanvraag wordt goedgekeurd, mensen in onzekerheid houden over hun contractverlenging; de verschijningsvorm verschilt van de lagere school, maar de motieven zijn hetzelfde.”

Waarom pesten mensen?

Wat die motieven dan precies zijn? Het Hollywoodverhaal waarin een pester altijd eigenlijk zelf bang en onzeker is, is volgens beide experts niet uit de lucht gegrepen. Pesten is een negatieve manier van aandacht vragen, vaak vanuit een gebrek aan zelfvertrouwen. Het is een manier voor de pester om zichzelf staande te houden in een groep. Niet voor niets gaan slachtoffers van pesten later vaak zelf ook pesten. Patricia Bolwerk: “Proactief pesten is dat; als ik het zelf doe weet ik in ieder geval dat ík niet de pineut ben. Als je helemaal happy bent van binnen en buiten dan heb je pesten niet nodig.”

Marije van de Sande merkt op dat de rol van pester niet vastligt. Soms is iemand in de ene groep een pester, in de andere groep een gepeste, en in een derde groep alleen maar een omstander. Het is een complex groepsgebeuren, waar weinig eenduidigs over te zeggen valt. Wel wijst ze op een artikel waarin pesten in verband wordt gebracht met een tekort aan een van de drie psychologische basisbehoeftes: relatie (ik hoor erbij), autonomie (ik mag zijn wie ik ben) en competentie (ik kan wat). “Het lijkt erop dat pesten een manier is om aan die behoeftes te voldoen, omdat het een bepaalde status geeft. Pesters zijn vaak populair, maar niet per se geliefd.”

Hoe pak je pesten aan?

Pestprotocollen, posters met gedragsregels aan de muur, of als slachtoffer zelf terugvechten tegen een pestkop; wat is nu de beste manier om pesten te stoppen? Marije van de Sande is gewend die vraag te krijgen van leraren, en ze benadrukt altijd dat er voor pesten niet zoiets bestaat als een ‘quick fix’: “Er is niet één antipestmethode die altijd werkt. Wat belangrijk is, is dat leerlingen erop kunnen vertrouwen dat ze ook fouten mogen maken. En daarnaast, dat je als school hele duidelijke afspraken maakt, en die ook handhaaft. Dat leerlingen weten: als ik dít flik is dát de consequentie.”

Ook Patricia Bolwerk benadrukt nogmaals dat het belangrijk is om pesten in de groep oplossen, het liefst zelfs dóór de groep. Als een groep zelf alert is op pesten, is ingrijpen van een leraar of leidinggevende niet nodig. En dat is ook goed, want pesten gebeurt immers vaak buiten het zicht. “Onderzoek laat zien dat als een peer group ingrijpt, pesten binnen tien seconden afgelopen kan zijn. Daarom is het zo belangrijk om de hele groep bewust te maken, dan zijn we zo veel sneller dan alle pestprotocollen bij elkaar. De groep zelf staat er altijd met de neus bovenop.”

© Nationale Onderwijsgids / Harmen van der Meulen

 

Noteer deze data en besteedt extra aandacht aan het stoppen van #pesten met je klas of team, bij je collega's, in de sport of in het bejaardentehuis.

Landelijke Dag tegen Pesten 19 april

&

Week tegen Pesten 4e week van september

Wilt u tips of inspiratie opdoen om met je klas online pesten (cyberpesten) of pesten bespreekbaar te maken kijk dan bij de (gratis) lessuggesties of neem een kijkje in ons downloadcentrum voor stop pesten nu posters?

Natuurlijk is het nodig om elke dag bewust pesten te stoppen maar 1 keer per jaar staan wij even bewust stil bij pesten en de gevolgen van pesten voor zowel de slachtoffers, pestkoppen, meelopers en omstanders.

Pesten heeft voor IEDEREEN gevolgen. Samen kunnen wij het verschil maken, zeg ook: Ik STOP pesten nu!

Zoals de wetenschappelijke onderzoeken laten zien wordt ons pestgedrag alleen maar erger naar mate we ouder worden. Laten wij verantwoordelijkheid voor onszelf, onze eigen acties nemen en de wereld leuk en gezellig maken voor jou en voor iedereen om jou heen. 

  • Op scholen wordt 1:10 leerlingen gepest
  • Op het werk 1:8
  • In het bejaardentehuis 1:5

Heel veel mensen zeggen pesten is een "kleuterding"?! Helaas laten de wetenschappelijke onderzoeken ons anders zien.

Wat is het verschil tussen plagen en pesten?.

Wat is nou dat 'grijze gebied' of hebben wij alleen maar een plaagcultuur? Is dit zo? Is het voor iedereen plagen? Na onze voorlichtingen heeft u deze inzichten en kunnen wij u helpen om het pesten aan te pakken oa door bedrijfs-/school adviezen op maat, individuele coaching, groepscoaching en meer.

 

Meer informatie:

Bij ons aanbod kunt u hier meer informatie over vinden. Al onze diensten worden op maat gemaakt voor uw organisatie. ? Neem dan geheel vrijblijvend contact met ons op voor de mogelijkheden.

 

 

 
Doelgroep: 
Kinderen en jongeren
Professionals

Tip van de redactie

Tip van onze redactie met interessante informatie over pesten en online pesten (cyberpesten):